Instrumentenlijst
Blaasinstrument
- accordina (harmonica/accordion hybrid) — Een accordina is een soort combinatie van een mondharmonica en een accordeon. Net als een accordeon heeft het toetsen of knoppen, maar de lucht wordt aangevoerd door de speler die als net als bij een mondharmonica op het instrument blaast.
- accordion (Commonly used bellowed free reed with keys/buttons) — Invented and developed by several people in the early 1800's, it has an arm operated bellows with keys or buttons at one end and bass buttons at the other.
- algoze — Een algoze of algoza is een dubbele bekfluit die traditioneel door geitherders in de regio Punjab in India en Pakistan wordt bespeeld.
- alpenhoorn — Een alpenhoorn is een conische houtblazer die wordt gebruikt om in de bergen te communiceren.
- altklarinet — Een altklarinet is een klarinet die gestemd is in Es en normaal gesproken een gebogen hals heeft.
- altfluit — Een altfluit is een dwarsfluit die gestemd is in G en lager klinkt dan een flûte d’amour.
- alto saxophone (Middle member of the saxophone family) — The most common member of the saxophone family, it is the alto member.
- Engels-Duitse concertina (Historical hybrid between English and German style concertinas) — De Engels-Duitse concertina is een wisseltonige concertina met de knoppen van de Duitse en de rieten en uiteinden van de Engelse concertina.
- antara (Andean single row panpipe) — Used in traditional Andes music, it consists of a single row of pipes.
- arghul — Een arghul is een traditioneel Egyptisch enkelrietinstrument met twee pijpen.
- doedelzak — Een doedelzak is een instrument waarvan de rieten via een luchtzak worden bespeeld.
- bandoneon — Invented and used in 1800's Europe, it became popular in Argentina. Unlike concertinas it is square, but alike its button action is parallel, typically it has several reeds per button.
- bansuri — Een bansuri is een altdwarsfluit, de Noord-Indiase tegenhanger van de venu.
- bariton — Een bariton is een koperblazer met ventielen. Het mondstuk heeft een brede rand en het instrument is gestemd in bes, een octaaf lager dan de bes-trompet.
- baritone saxophone (Middle-Low member of the saxophone family) — The most common of the lower members of the saxophone family, it is the middle-low baritone.
- barokranket (Conical bored compact double reed) — Johann Christoph Denner verbeterde de renaissanceranket rond 1730. De boring van de barokranket is conisch, en het instrument wordt aangeblazen via een gekruld verwijderbaar mondstuk van metaal.
- baroktrompet (20th century reinvented natural trumpet) — De baroktrompet is gebaseerd op de natuurtrompet die van de 16e tot de 18e eeuw werd bespeeld. Deze 20e-eeuwse reconstructie heeft geen ventielen, maar kan wel vingergaten hebben.
- draaiorgel — Een draaiorgel is een mechanisch muziekinstrument dat meestal wordt bediend door iemand die aan een slinger draait, waardoor er een cilinder wordt rondgedraaid waar de muziek op is geprogrammeerd.
- basklarinet — Een basklarinet is een klarinet die meestal een octaaf lager gestemd is dan de besklarinet.
- basfluit — Een basfluit is een dwarsfluit die een octaaf lager gestemd is dan de concertfluit. De buis is ongeveer anderhalve meter lang.
- basmondharmonica — Een basmondharmonica is een soort octaafharmonica waarvan de laagste noot (E) gelijk is aan die van de basgitaar.
- baritonhobo — Een baritonhobo is een dubbelriethoutblazer en is ongeveer twee keer zo groot als een normale hobo.
- basblokfluit
- bass saxophone (Second lowest member of the saxophone family) — Second largest and lowest member of the saxophone family. It is similar to the baritone, but larger and with a longer loop near the mouthpiece.
- bastrombone
- bastrompet — Een bastrompet is een soort trompet die lijkt op een ventieltrombone.
- bassetklarinet
- bassethoorn
- fagot
- bawu — Een bawu is een Chinees blaasinstrument. Hoewel hij de vorm heeft van een fluit, is het een vrijrietinstrument, met een enkel metalen riet. Hij wordt dwars bespeeld.
- bajan
- bazooka (telescoping brass tube) — Een bazooka is een grote wijde buis met een wijd uitlopende beker. Het uitschuiven produceert alleen subtiel veranderende boventonen. Het instrument was de inspiratie voor de naam van het antitankwapen.
- rietinstrument met balg — Een draagbaar vrijrietinstrument met een balg. Er zijn meerdere instrumenten die hieronder vallen en vaak namen hebben die door elkaar worden gebruikt.
- biniou (Small Breton bagpipe) — Developed from the veuze and often accompanying the bombard, the small high-pitched, singular octave bagpipe is used in Breton folk dancing.
- birbynė
- näverlur (Wooden natural brass) — De nävelur is een natuurhoorn van hout of berkenbast, bekend vanaf de Vikingtijd.
- bootsmansfluitje
- bombarde — De bombarde is een conisch geboord dubbelrietinstrument uit Bretagne.
- koperblazers
- bronselur (Bronze age natural brass) — De bronselur is een Scandinavische natuurhoorn van brons die vaak in paren ritueel werden begraven.
- klaroen
- bazuin — Een bazuin is een soort rechte trompet uit de Middeleeuwen die meestal van metaal werd gemaakt.
- knopaccordeon
- stoomorgel of stoompiano
- Cembalet (electric piano with reeds) — Een Cembalet is een electromechanische piano met tongetjes van rvs en een versterkte opnemer. Dit instrument moet niet met ‘cembalo’ worden verward, dat is een andere naam voor het klavecimbel.
- chalumeau — De chalumeau is een enkelriet houtblazer uit de late barok en vroeg-klassieke periode.
- kamerorgel — Een kamerorgel is een klein pijporgel.
- chirimía (oboe-like double-reed from South-America) — De chirimía is gerelateerd aan de schalmei en werd in de 16e en 17e eeuw door de Spanjaarden in Centraal- en Zuid-Amerika geïntroduceerd.
- chromatische knopaccordeon (Accordion with buttons arranged chromatically)
- chromatische mondharmonica
- cimbasso (19th century bass trombone) — De naam cimbasso werd gebruikt om de serpent, ophicleïde en bombardon aan te duiden, maar de moderne cimbasso werd door Pelitti naar instructies van Verdi ontwikkeld. De cimbasso heeft een naar voren staande beker en drie tot zes ventielen. Het moderne instrument heeft een karakteristieke bocht.
- klarinet
- claviola (free reed aerophone with pitching pipes.) — Een claviola is een vrij rietinstrument dat lijkt op een melodica maar als een accordeon wordt gedragen. Pijpen van verschillende lengte zorgen voor de toonhoogte.
- concertina
- zeeschelp — Een schelp van een weekdier waarop wordt geblazen.
- contrabasklarinet
- contrabasfluit
- contrabasblokfluit
- contrabass saxophone (Largest member of the saxophone family) — The largest and lowest pitch member of the saxophone family (ignoring the subcontrabass tubax)
- contrafagot
- althobo (Curved bulb belled transposing oboe) — Hoewel de althobo ook wel Engelse hoorn wordt genoemd, is hij Engels noch een hoorn, maar een lager (in F) gestemde variant van de hobo.
- cornamuse — Een cornamuse is een dubbelrietinstrument uit de Renaissance.
- kornet (19th century brass trumpet-like) — De kornet is een koperblazer uit de vroege 19e eeuw met een conische boring. Het is compacter en klinkt milder dan de trompet, waar het verder erg op lijkt.
- zink (Wooden medieval wind instrument) — Een zink, ook wel cornetto genoemd, is een blaasinstrument dat vooral populair was tijdens de renaissance. Niet te verwarren met een kornet.
- kromhoorn — De kromhoorn werd vooral tussen de veertiende en zeventiende eeuw gebruikt in Europa
- daegeum — Een daegeum (ook wel taegŭm) is een grote bamboedwarsfluit uit Korea.
- tanso (Korean educational end-blown bamboo flute) — De tanso is een verticaal bespeelde bekfluit die in Korea in volksmuziek en op school als lesinstrument wordt bespeeld. Hij werd, net als zijn grotere broer de tongso, in de 19e eeuw uit de Chinese xiao ontwikkeld.
- trekharmonica (Accordion with buttons arranged diatonically) — For the organ also known as Melodeon, see reed organ.
For the mouth blown keyed MELODION, see melodica.
Also known as Melodeon, it has 1 to 2 rows of buttons that each produce two tones (bisonoric). - didgeridoo
- đing buốt — Traditionele fluit van het Vietnamese Radevolk met vier vingergaten en een riet.
- đing năm — Een đing năm, ook bekend als ku puốt, m’boắt of m’buốt, is een van een kalebas gemaakt mondorgel dat wordt gebruikt door minderheden in de centrale hooglanden van Vietnam.
- ding tac ta — Een ding tac ta is een blaasinstrument met doorslaande tong en wordt bespeeld door de Ê Đê-minderheid in Vietnam. Hij wordt gemaakt van een buis van bamboe met drie gaten en een luchtkast van kalebas.
- dizi — Een dizi is een Chinese dwarsfluit die vaak wordt gemaakt van bamboe. In het Chinees wordt dit instrument soms 笛 (di) genoemd, maar in het Japans verwijst 笛 (fue) naar een hele familie fluiten in plaats van dit specifieke type.
- dubbelriet
- eendenlokfluitje — Een eendenlokfluitje is een kort houten fluitje om het geluid van een eend na te bootsen.
- doedoek — Een doedoek is een traditionele Armeense dubbelriethoutblazer.
- dulciaan — Een dulciaan (of curtal) is een dubbelrietinstrument en een zestiende-eeuwse voorloper van de fagot.
- dulzaina
- Es-klarinet — De Es-klarinet is een lid van de familie van klarinetten.
- verticale fluit
- Engelse concertina (Unisonoric concertina) — De Engelse concertina is een gelijktonige concertina met zeshoekige uiteinden en de rieten van een concertina.
- Engelse flageolet (English "improved" flageolet) — De Engelse flageolet is een ontwikkeling van de flageolet met zes vingergaten aan de voorkant en een vingergat voor de duim aan de achterkant.
- eufonium of tenortuba
- pijperfluit — Een pijperfluit is een kleine dwarsfluit, vergelijkbaar met de piccolo, maar met een smallere boring.
- bekfluiten — Bek- of blokfluiten hebben een mondstuk waarin wordt geblazen, maar geen riet.
- flabiol (Small Catalan fipple flute) — De flabiol is een kleine Catalaanse flageolet die wordt bespeeld in het cobla-ensemble. Het instrument wordt vaak eenhandig in combinatie met een tabor bespeeld, maar kan ook met twee handen worden bespeeld.
- flageolet (french 16th century fipple flute) — De Franse flageolet heeft vier vingergaten aan de voorkant en twee voor de duim aan de achterkant.
- bugel
- flümpet (Hybrid between trumpet and flugelhorn) — Een flümpet is even lang als een trompet, heeft dezelfde ventielen als de flügelhorn en trompet waar het van is afgeleid en een geluid dat tussen de twee instrumenten in ligt.
- fluit (Reedless aerophone) — Een fluit is een rietloze aerofoon, meestal in de vorm van een buis.
- flûte d’amour — Een flûte d’amour is een dwarsfluit die qua grootte tussen de concertfluit en de altfluit in zit.
- flutina — Early predecessor to the diatonic accordion, it was similar to the German concertina and had 4 fold bellows and brass reeds.
- voetenbas (Foot operated bass bellows) — De voetenbas is een grote, rechthoekige blaasbalg die met de voeten wordt bespeeld. Het instrument werd begin 20e eeuw door accordeonspelers in Wallonië gebruikt als begeleidingsinstrument voor bastonen.
- vrij riet
- hoorn
- fujara — Een fujara is een extreem lange fluit uit Slowakije.
- gaida (Southeastern Europe and Balkan bagpipe) — Small Bulgarian/Macedonian and Balkan goat or sheep-skin bagpipe used in folk, pastoral or other traditional settings. There are many similarly named small bagpipes in this area.
- gaita asturiana (Larger Asturian bagpipe) — Larger than the gallega, it has been in use since atleast the 13th century, traditionally with only one chanter and drone, it has very colourfully decorated fur.
- gaita de boto (Cloth covered Aragonese bagpipe) — Historically solo instrument used in traditional and ritual dances, the drones have reinforced pewter rings and the goatskin bag is covered with a colourful fabric.
- gaita gallega (Two to three drone Galician bagpipe) — Used at-least since the 9th century, it has two to three drones with bag and pipe both decorated with fur. Used in festivals by marching players accompanied by percussion.
- gaita sanabresa (Small single drone Sanabrian bagpipe) — From Sanabria, it is distinct from other Spanish bagpipes, with its single drone and open fingering, it is accompanied by percussion in folk music.
- gajdy (Large Silesian bellow-blown bagpipe) — Czech-polish bellow-blown large goatskin bag with a 6 finger hole chanter and a long angular drone pipe that is balanced over the shoulder, the two flared pipes have inlaid metal designs and can have goat head decorations.
- garkleinblokfluit
- garmon (Russian diatonic folk accordion) — Used in Russian, Mari and Caucasus folk music, it has two rows of buttons in a diatonic scale, as well as additional bass buttons.
- gemshoorn (Medieval chamois or goat horn) — De gemshoorn stamt uit de middeleeuwen of eerder en werd vroeger gemaakt van de hoorn van een gems of van klei. Het heeft maar een paar vingergaten en een bereik van een octaaf. Moderne varianten zijn complexer en meestal gemaakt van de hoornen van vee.
- Duitse concertina (Bisonoric concertina) — De Duitse concertina heeft vaak vierkante uiteinden en lange metalen rieten.
- gralla — Een gralla is een traditioneel Catalaans dubbelrietinstrument uit de familie van de hobo. Het instrument is ook bekend als xirimita.
- grootbasblokfluit
- Great Highland bagpipe (Large Scottish bagpipe) — Known since 1400, traditionally in military context, today it is the most widespread and famous of bagpipes.
- guan — Een guan is een Chinees dubbelrietinstrument gemaakt van hardhout of bamboe.
- härjedalspipa (fipple flute from Härjedalen, Sweden) — De härjedalspipa is een bekfluit met zes gaten die net als de gerelateerde spilåpipa traditioneel bij pastorale muziek wordt bespeeld.
- mondharmonica (mouth organ) — De mondharmonica wordt vooral bespeeld in de blues en Amerikaanse volks- en countrymuziek. Het is een rechthoekig instrument met gaten aan de brede zijde waarin langs doorslaande tongen wordt geblazen.
- harmonium (Portable Indian reed organ) — Not to be confused with European upright reed organ also commonly known as "Harmonium".
Also known as the samvadini, it was developed in India from imported reed organs. Consists of a wooden box-shape with a keyboard and a bellows in the back; both are operated by the same player, often a singer. While upright versions exist, they are rare. - heckelfoon
- helicon
- hichiriki (Japanese double reed flute) — Used in gagaku, it is a double reed flute
- Hmông-fluiten — Familie van hmông-fluiten
- hoornfamilie
- hocchiku — Een hocchiku is een Japanse verticale bamboefluit.
- hue puruhau (Māori taonga pūoro large bass gourd) — Een hue puruhau is een grote kalebas (hue) zonder vingergaten. Hij wordt bespeeld door over het gat heen te blazen, waardoor een laag basgeluid ontstaat.
- hulusi — Een hulusi is een Chinese aerofoon. Hij bestaat uit twee of drie bamboe pijpen die uitkomen in een kalebas.
- Ierse fluit (19th century transverse flute) — Een Ierse fluit is een dwarsfluit met een eenvoudig kleppensysteem die wordt gebruikt voor Ierse volksmuziek.
- jug — Een jug is een lege kruik (meestal gemaakt van glas of keramiek) die met de mond wordt bespeeld.
- k’lông pút (Vietnamese Air Xylophone) — Een k'lông pút wordt bespeeld door de luchtstroom door bamboebuizen met de hand te manipuleren. Deze Vietnamese ‘luchtxylofoon’ werd traditioneel in de rijstvelden bespeeld.
- kagurabue (Japanese transverse bamboo flute) — Used in gagaku, this traditional bamboo flute has six holes.
- kaval — Een kaval is een houtblazer die op het platteland van de Balkan en Turkije veel wordt gebruikt.
- kèn bầu (Vietnamese double reed) — De kèn bầu is gemaakt van hout en heeft een beker in de vorm van een kalebas. Het instrument wordt in traditionele Vietnamese muziek bespeeld.
- kèn lá — Een kèn lá , ook bekend als khen la of nplooj, is een instrument dat wordt gebruikt door de Hmong-minderheid in Vietnam. Hij bestaat uit een gekruld blad dat in de mond wordt geplaatst en trilt als er op wordt geblazen.
- koperblazers met knoppen — These have holes along the body and sound production is similarly to woodwinds.
- khèn Mèo — Een khèn Mèo is een mondorgel dat wordt gebruikt door de Hmong. Hij heeft (meestal zes) buizen van bamboe en elk daarvan heeft een vrij riet. Andere namen voor het instrument zijn kềnh H’Mông en qeej.
- khene (Traditional bamboo mouth organ) — Traditional instrument from Laos, it is also used in Thailand and even Vietnam. it consists of 14 bamboo pipes with a small hollowed hardwood soundbox.
- khlui (Vertical bamboo duct flute) — De khlui is een antieke bekfluit van bamboe.
- ki pah — Ki pah zijn koeienhoorns zonder vingergaten met een mondstuk en vrij riet.
- kooauau (Māori taonga pūoro small cross-blown flute) — De kooauau is een fluitje van 10 tot 39 cm lang gemaakt van steen, bot of hout. De meeste hebben drie vingergaten, maar varianten met nul tot vijf vingergaten komen voor.
- kooauau ponga ihu (Māori taonga pūoro tiny gourd nose flute) — De kooauau ponga ihu is een hele kleine neusfluit gemaakt van kalebas en heeft twee vingergaten. Ondanks het geringe formaat produceert deze neusfluit een mooi fluitachtig geluid.
- kortholt — Een kortholt is een houtblazer die in de Renaissance populair was.
- launeddas — De launeddas is een typisch Sardisch blaasinstrument bestaande uit drie pijpen.
- limbe — De limbe is een Mongoolse dwarsfluit.
- low whistle (Low pitch fipple flute) — Een low whistle is groter dan een tinwhistle en heeft een lager geluid. Het aluminium instrument werd door Overton ontwikkeld.
- mellofoon (Middle-range valved brass) — Not to be confused with melophone, a bellowed free reed shaped like a lute.
Originating in the 19th century horn-design boom, it is used mostly in outside concert and marching music - melodica (Free-reed keyboard mouth-organ) — De melodica wordt vaak gebruikt voor muziekeducatie. Het instrument is meestal gemaakt van plastic en voorzien van toetsen, heeft een mondstuk met vrij riet en kan ook een luchtbuis hebben. Het instrument wordt onder verschillende merknamen verkocht.
- melofoon (Bellowed free reed in a lute-like casing) — De melofoon (niet te verwarren met de mellofoon) is een koperblazer met ventiel.
Het instrument heeft een houten kast in de vorm van een luit, een blaasbalg aan de onderkant die met een hendel wordt bediend en knoppen voor het bedienen van de rieten in de hals. - midjwiz (twin bamboo single reed pipe) — De midjwiz is een blaasinstrument dat bestaat uit twee pijpen met vijf tot zes vingergaten. Het instrument is afkomstig uit het Midden-Oosten en wordt bespeeld bij traditionele muziek en als begeleiding bij buikdansen en dabke-muziek.
- mirliton — De mirliton is zowel een blaasinstrument als een membranofoon. Het geluid wordt geproduceerd door in een dun, zoemend membraan te spreken of zingen.
- mondorgel — Een mondorgel is een algemene term voor aerofonen met een doorslaande tong en één of meer luchtkamers uitgerust met een doorslaande tong.
- musette de cour (French baroque bagpipe) — Also known as baroque musette, it was a small bagpipe used predominantly by French court and nobility in the 1600-1700's.
For the instrument known as "chinese musette", see suona
For the oboe also known as musette, see piccolo oboe - nabal — Een nabal is een lange koperen rechte hoorn die wordt gebruikt voor traditionele Koreaanse muziek.
- nadaswaram (South Indian large double reed) — De nadaswaram lijkt op de Noord-Indiase shenhai. Het 95 cm lange instrument van hardhout heeft zeven vingergaten, vijf stemgaten die met was kunnen worden gevuld en een breed uitlopende houten beker. Kortere varianten hebben een metalen beker.
- nagak
- nai (Romanian diatonic pan flute) — Used traditionally since 16th-17th century by lǎutari, it is made of bamboo or reed stopped with cork and beeswax set in a curved bottom bar.
- natuurkoperblazers — Natuurlijke koperblazers spelen alleen natuurtonen, gehele veelvouden van de grondtoon zoals die door de lengte van de buis bepaald is.
- natuurhoorn (Brass valveless and keyless ancestor of the modern horn) — De natuurhoorn is een voorloper van de moderne hoorn. Het bestaat (vaak) uit een opgerolde buis en heeft een weid uitlopende beker. Klaroenen, posthoornen en jachthoornen zijn natuurhoornen.
- natuurtrompet (Brass valveless ancestor of the modern trumpet) — De natuurtrompet is een voorloper van de moderne trompet. Het heeft geen ventielen, een mondstuk en ten minste één lus. Het instrument heeft een militaire oorsprong.
- ney — Een ney is een Perzisch/Turks/Arabische verticale fluit met vijf of zes vingergaten en een duimgat.
- nguru (Māori taonga pūoro small vessel flute) — De nguru is een kleine vatfluit gemaakt van hout, klei, bot of een zachte steensoort zoals speksteen, heeft vier gaten en wordt met de neus of de mond bespeeld.
- nohkan — De nohkan is een hoog klinkende bamboedwarsfluit uit Japan.
- Northumbrian pipes (Small north east England bagpipes) — Used for more than 250 years, its one chanter and usually four drones have narrow bores.
- neusfluit — De neusfluit of ‘nose flute’ (niet te verwarren met het neusfluitje of ‘nose whistle’) is een fluit die met de neus wordt bespeeld en vooral wordt gebruikt in de landen in en rond de Stille Oceaan.
- neusfluitje — Het neusfluitje of ‘nose whistle’ (niet te verwarren met de neusfluit of ‘nose flute’), ook wel bekend onder de merknaam Humanatone, is een simpel instrument dat met de neus wordt bespeeld. Een luchtstroom wordt over een rand in het instrument geblazen en de frequentie van de gespeelde noten wordt bepaald door het luchtvolume.
- hobo — Een dubbelrietinstrument met een conisch geboorde buis met een licht trechtervormig uiteinde.
- oboe d’amore — Oboe d’amore / liefdeshobo (mezzo-sopraan).
- jachthobo (Baroque curved flared bell transposing oboe) — De jachthobo werd voor het eerst in 1722 genoemd en is een dubbelrietinstrument met een gebogen buis en een uitlopende (koperen) beker.
- ocarina — Een ocarina is een soort vatfluit waarvan het mondstuk uitsteekt.
- olifant (Ivory natural brass hunting horn) — Een olifant is een natuurhoorn van ivoor. Het instrument werd tijdens de middeleeuwen vaak tijdens oorlogen gebruikt om het moreel van de soldaten te verhogen.
- ophicleïde
- orgel
- pan flute (Collection of end-blown pipes) — Named after the Greek god Pan, they are a selection of end-blown pipes made of reeds, bamboo, wood or similar. Many different variations exists around the world, especially in South America.
- pang gu ly hu hmông — De pang gu ly hu hmông is een soort schuiffluit en een van de hmông-fluiten.
- pedal accordion (Polish foot-pedal accordion) — Developed in Warszaw, Poland, it is used in folk music. It has two foot-operated bellows attached via metal/brass pipe; its body-bellows are only used for accents.
- pi nai — Een pi nai is een type pi dat deel uitmaakt van het piphatensemble.
- pí thiu — De pí thiu of pí khui is een verticale fluit.
- klavieraccordeon
- piccolo
- piccolohobo — De piccolohobo (ook wel oboe musette of musette genoemd) is het kleinste en hoogst klinkende lid van de familie van de hobo’s.
- piccolotrompet
- pijporgel
- piri — Een piri (ook we pi’ri gespeld) is een Koreaans dubbelrietinstrument van bamboe, dat zowel voor volksmuziek als klassieke muziek uit Korea wordt gebruikt. Hij is familie van de Chinese guan en de Japanse hichiriki.
- pockettrompet — Een pockettrompet of zaktrompet is een compacte trompet met hetzelfde bereik als een normale trompet.
- poi aawhiowhio (Māori taonga pūoro swung whistling gourd) — Een poi aawhiowhio is een uitgeholde kalebas (hue) met één tot drie gaten, en wordt bespeeld door het rond te zwaaien. Het instrument maakt een fluitend en kwetterend geluid dat lijkt op het geluid van vogels.
- porotiti (Māori taonga pūoro humming discs) — Porotiti zijn gonzende draaiende schijven van verschillende materialen en in verschillende vormen. Als erop wordt geblazen, kunnen ze ook veel verschillende zoemende geluiden produceren.
- portatief (Very small bellows operated pipe organ) — De portatief is in middeleeuws Europa ontwikkeld als een zo draagbaar mogelijk orgel. Het heeft een kleine, opstaande houten kast, een toetsenbord en een rij pijpjes die door een handaangedreven balg van lucht worden voorzien.
- poorutu (Māori taonga pūoro two harmonic flute) — Een poorutu is een lange kooauau met een lengte van 30 tot 60 cm. Hij wordt gemaakt van bot of hardhouten zoals porokaiwhiria, matai en tutu.
- post horn (Post-signalling valveless coiled brass) — Developed as early as the 1500-hundreds and used for mail-carrier signalling, it was coiled (usually just once) and valveless.
- practice chanter — De practice chanter ziet eruit als een blokfluit, maar met dubbelriet en het vingersysteem van een doedelzak. Het instrument wordt vooral gebruikt om de doedelzak te leren bespelen, maar soms ook op zichzelf.
- puukaea (Māori taonga pūoro wooden announcement trumpet) — Een puukaea is een houten trompet met een lengte tot 2,5 meter. Hij werd gebruikt voor verschillende aankondigen, bijvoorbeeld tijdens oorlogen, om mensen te verwelkomen en bij het planten van kumara-aardappelen.
- puumotomoto (Māori taonga pūoro long one-holed flute) — Een puumotomoto is een lange bekfluit met een open bovenkant en een enkel vingergat aan het uiteinde.
- puupakapaka (Māori taonga pūoro long necked conch trumpet) — Een puupakapaka is een puutaatara met een lang houten mondstuk. Het heeft een lager timbre dan de puutaatara.
- puutaatara (Māori taonga pūoro conch shell trumpet) — Een puutaatara is een trompet gemaakt van een zeeschelp met een prachtig gesneden houten mondstuk. Hij werd gebruikt om signalen door te geven, maar ook in ceremonies en rituelen.
- puutoorino (Māori taonga pūoro wooden dual-voiced flute) — De puutoorino is gemaakt van hout en heeft de vorm van een cocon van een kokermot. Het kan zowel als fluit (vrouwelijk) of als trompet (mannelijk) worden bespeeld.
- viervoudig rietinstrument
- quena (Small Andean end-blown flute) — Used in traditional Andean music, it is the smallest of its family
- rauschpfeife — Een houten dubbelrietinstrument met een conische boring uit de 16de en 17de eeuw.
- blokfluit (Family of end-blown fipple flutes) — Blokfluiten zijn verticaal bespeelde fluiten met een duimgat en zeven vingergaten, en vormen de meestvoorkomende soort fluit in de westerse klassieke traditie.
Er zijn verschillende groottes:
- garkleinblokfluit
- sopraninoblokfluit
- sopraanblokfluit
- altblokfluit
- tenorblokfluit
- basblokfluit
- grootbasblokfluit
- contrabasblokfluit
- subcontrabasblokfluit
Blokfluiten moeten niet worden verward met dwarsfluiten. - rietorgel (Organ with free reeds) — For the accordion also known as Melodeon, see diatonic button accordion.
For the mouth blown keyed MELODION, see melodica.
For the portable reed organ used in India see harmonium.
Also known as pump organ, it is large, looks like an upright piano and has pedals attached to bellows with reeds. Sound is produced by playing the keyboard. - rietblazers
- regaal (Portable bellowed reed organ) — De regaal was een klein en draagbaar orgel met twee balgen en tongetjes van messing, populair tijdens de renaissance.
- rehu (Māori taonga pūoro long flute) — Een rehu wordt gemaakt van hout, vaak matai of tutu, en is een lange dwarsfluit met vingergaten zoals de traditionele poorutu.
- renaissanceranket (Renaissance era compact double reed) — De ranket werd waarschijnlijk in de 16e eeuw ontwikkeld. Het instrument is gemaakt van hout of ivoor, met negen parallelle cilindrische boringen die aan de onder- en bovenkant zijn verbonden, waardoor één lange klankbuis ontstaat.
- rondador (Ecuadorean panpipes) — Made of cane, it is used in Ecuador.
- ryuteki (Japanese transverse flute) — Used in gagaku, it is a transverse flute
- baroktrombone
- Zweedse doedelzak (Historical Swedish bagpipes) — De Zweedse doedelzak was in de 20e eeuw bijna verdwenen. Moderne varianten zijn gebaseerd op exemplaren in musea.
- saduk — De saduk is een door Alexander Berne uitgevonden en bespeelde kruising tussen een saxofoon en een doedoek.
- saluang (West Sumatran end-blown flute.) — De saluang wordt traditioneel door de Minang uit West-Sumatra bespeeld voor liefdesliederen en bij sjamaanrituelen en het vangen van tijgers. Het is een open, verticale fluit die vaak met tijgerstrepen wordt versierd. Het instrument wordt met een circulaire ademhalingstechniek bespeeld, is 75 cm lang en heeft afhankelijk van het type drie tot zes vingergaten.
- de saluang darek (uit het binnenland) met vier gaten
- de saluang pauh/padang met zes gaten
- de saluang sungai pagu met drie gaten
- sambafluit — De sambafluit (Portugees: apito de samba of gewoon apito) is een fluitje dat voor samba en andere Braziliaanse muziek wordt gebruikt.
- sáo meò — Fluit van de Muong uit Vietnam
- sáo trúc — Een sáo trúc of sao tre is een Vietnamese bamboedwarsfluit.
- sarrusofoon — Sarrusofoon is een familie van transponerende muziekinstrumenten, uitgevonden om de hobo en de fagot te vervangen in harmonieorkesten.
- saxofoon
- Schwyzerörgeli — Een Schwyzerörgeli is een soort diatonische knopaccordeon die wordt gebruikt voor Zwitserse volksmuziek.
- Scottish smallpipes (Small Scottish bagpipe) — Scottisch smallpipes lijken op (en zijn afgeleid van) de Northumbrian smallpipes, maar hebben dezelfde vingerzetting als Highland pipes.
- serpent
- shakuhachi (Japanese end-blown flute)
- schalmei — Een schalmei is een instrument uit de de middeleeuwen en de renaissance en een voorloper van de hobo.
- shehnai — De shenhai is een houten dubbelrietinstrument met een uitlopende beker van hout of metaal en zes tot negen vingergaten uit het Indiase subcontinent.
- sheng — De sheng is een Chinees blaasinstrument bestaande uit een aantal verticale pijpen.
- shinobue (Japanese high-pitched transverse flute)
- sho (Japanese free reed flute) — It is based on the Chinese sheng, but is smaller
- sjofar (Ram's horn natural brass)
- shrutidoos — Een schruti-doos of srut-doos is vergelijkbaar met een harmonium en wordt gebruikt om een gonzende begeleiding te creëren.
- siku (Andean double row panpipe) — For the Italian bag-pipe, see zampogna.
Also known as zampona, traditional Andean panpipe has two rows of pipes tied together with colourful bands. - enkelriet
- koperblazers met schuifventiel — Koperblazers met een schuifventiel gebruiken het schuifventiel om de lengte van de buis te variëren.
- schuiffluit — Een fluitje met een zuiger in de buis om de toonhoogte te veranderen.
- sopilka — Sopilka verwijst (meestal) naar een soort pijperfluit die wordt gebruikt voor traditionele Oekraïense muziek.
- sopraninoblokfluit
- sopraninosaxofoon
- sopraanklarinet
- sopraanfluit
- sopraanblokfluit (Middle member of the end-blown fipple flute recorder family) — De sopraanblokfluit is het op twee na kleinste en meest bespeelde lid van de moderne blokfluitfamilie.
Traditioneel wordt het instrument van verschillende soorten hout gemaakt, maar tegenwoordig ook van kunststof. Het wordt vaak gebruikt om kinderen muziek te leren.
Dit is een ander instrument dan de sopraanfluit, een dwarsfluit. - sopraansaxofoon
- sousafoon
- spilåpipa — De spilåpipa is een Zweedse fluit met acht vingergaten maar zonder duimgaten.
- subcontrabasblokfluit
- suling (Southeast asian bamboo fipple flute) — De suling is een fluit van bamboe met vier tot zes vingergaten en een klein wigvormig mondstuk. In Zuidoost-Azië bestaan er veel varianten van deze fluit, die ook in het gamelanensemble wordt gebruikt.
- suona (Chinese double reed) — De suona is een houten fluit met een conische vorm en zeven vingergaten. Het is een belangrijk instrument in de volksmuziek van Noord-China.
- syrinx (Ancient Greek pan flute) — Named after the myth of the nymph Syrinx, this reed pan flute was used in ancient Greece.
- taepyeongso — Een taepyeongso is een Koreaans dubbelrietinstrument met een conisch houten vorm, een metalen mondstuk en een komvormig metalen uiteinde.
- taragot — Een taragot of tárogató is een Turks/Hongaars/Roemeens enkelrietinstrument en familie van de saxofoon en de klarinet.
- tarota (Wooden keyless shawm from Catalonia) — De tarota is een traditioneel Catalaans dubbelrietinstrument dat tijdens de middeleeuwen is ontstaan. In de negentiende was het een onderdeel van de cobla, maar daarna raakte het in onbruik. Huidige tarota’s zijn een moderne heruitvinding.
- althoorn
- tenorblokfluit
- tenorsaxofoon
- tenortrombone — Een tenortrombone is een trombone die in Bes gestemd is.
- tenora (Catalonian double reed descendant of shawm) — De tenora is een ontwikkeling van de tenorschalmei, in de negentiende eeuw door hobospeler Andreu Turon in Catalonië ontwikkeld. Het wordt gemaakt van jujubehout met een onderkant van metaal. Het instrument wordt bespeeld bij traditionele cobla- en sardanamuziek.
- theaterorgel — Een (klein) pijporgel dat bedoeld was voor de begeleiding van stomme films. Ook bekend onder de namen bioscooporgel en cinemaorgel.
- eenhandsfluit (european 11th century pipe) — Een eenhandsfluit is een middeleeuwse voorloper van de blokfluit. Het werd met één hand bespeeld, vaak in combinatie met een tabor.
- tible (Catalan valved shawm used in cobla) — De tible is een Catalaans dubbelrietinstrument dat in de negentiende eeuw is ontstaan door de tarota van ventielen te voorzien. Het wordt vooral gebruikt voor coblamuziek.
- tiêu — De tiêu is een Japanse fluit en is gerelateerd aan de Chinese xiao.
- tinwhistle (Simple fipple flute) — Een tinwhistle is een eenvoudige bekfluit met zes gaten, oorspronkelijk gemaakt van blik. Omdat het vroeger een penny kostte, wordt het ook wel een ‘pennywhistle’ genoemd.
- tonette (plastic fipple flute) — De in 1938 geïntroduceerde tonette is een populair Amerikaans instrument voor het muziekonderwijs.
- torupill (Estonian folk bagpipe) — With a bag made of seal's stomach, 5-6 holed chanter of juniper, pine or ash and 1-2 drones, it was attested at least from the 14th century. It survived in coastal regions until its recent revival.
- tràm plè — Een tràm plè is een variant op de Hmông-fluit. De lippen van de fluitist omvatten het blaasgat met het vibrerende vrije riet erin.
- trắng jâu — De trắng jâu is de basvariant van de trắng lu.
- trắng lu
- dwarsfluit
- sopraninodwarsfluit
- altblokfluit
- trikiti (Basque button accordion) — De trikiti is een traditionele Baskische diatonische knopaccordeon.
- trombone
- trompet
- tuba
- tubax — Een tubax is een aangepaste saxofoon die compacter is omdat de buizen meer bochten hebben.
- tulum (Droneless Turkish bagpipe) — Used by shepherds and peoples of the southeast Black Sea region, it is droneless with parallel double chanters each with 5 fingerholes.
- tongso (Korean notched end-blown bamboo flute) — Een tongso is een bekfluit van gerijpt bamboe. Sommige varianten hebben een membraan.
- txistu (Basque fipple flute) — Een txistu is een bekfluit die het symbool is geworden van de opleving in de Baskische volksmuziek.
- uilleann pipes (Irish bellow-blown bagpipe)
- ventieltrombone
- koperblazers met ventiel — Koperblazers met ventiel gebruiken ventielen waarmee de lengte van de buis kan worden beïnvloed.
- venu (South Indian transverse bamboo flute)
- vatfluit — Een vatfluit is een soort fluit waarbij het volume van de fluit bepalend is voor de toon in plaats van de lengte.
- vibrandoneon (accordina with piano keys) — De vibrandoneon is een in Italië ontwikkelde accordina met pianotoetsen.
- vuvuzela (plastic horn) — Een vuvuzela is een plastic toeter die vaak wordt gebruikt bij voetbalwedstrijden in Zuid-Afrika.
- Wagnertuba
- fluitje (Small simple single-toned flute) — Een eenvoudig fluitje dat maar één toon kan voortbrengen en vaak wordt gebruikt voor handhaving (bij sport of in het verkeer, enz.).
- Weense hoorn — De Weense hoorn wordt (vooral in Weense orkesten) gebruikt voor klassieke en orkestmuziek.
- wilgenfluit
- blaasinstrumenten
- houtblazers
- wot (Round Southeast Asian traditional pan-flute) — Used in Laos and Isan traditional music, it is made of bamboo or ku wood, the individual stopped pipes are arranged around a central core using beeswax.
- Xaphoon — De Xaphoon is een chromatische enkelriet houtblazer.
- xiao (Chinese end-blown flute) — De xiao is een antieke Chinese verticaal bespeelde fluit van bamboe.
- xun — Een xun is een vatfluit uit China met een blaasgat bovenop het instrument.
- żaqq (Maltese mouth-blown bagpipe) — Made of a whole animal-skin, it is used in festivals. The blowpipe (mserka) is made of rubber or cane, the chanter (saqqafa) are two cane pipes, one 2 holed, the other 5 holed, with the bell of an ox horn.
- shaleika — Een shaleika is een enkelrietinstrument uit Rusland.
- zurna
Snaarinstrument
- twaalfsnarige gitaar
- zeventiensnarige baskoto — De zeventiensnarige baskoto (vaak eenvoudig baskoto genoemd) is een koto met zeventien in plaats van dertien snaren.
- akoestische basgitaar
- akoestische fretloze gitaar — Akoestische gitaar zonder fretten.
- akoestische gitaar
- windharp
- ajaeng — Een ajaeng is een Koreaanse citer met 7 (soms 8 of 9) snaren. Het instrument wordt met een strijkstok bespeeld.
- akkordolia (German keyed box zither) — Een akkordolia is een citer met een houten klankkast in de vorm van een uitgerekte druppel. De snaren worden bespeeld met knoppen die lijken op de knoppen van een knopaccordeon.
- altgamba (Alto member of the viol family) — De altgamba is de alt van de familie viole da gamba. Niet te verwarren met de altviool, die in het Frans ‘alto’ wordt genoemd.
- verticale altviool (Alto or vertical violin, for French "alto" credits, choose viola) — De verticale altviool is een iets grotere versie van de altviool, die vanwege het grote formaat tussen de benen wordt bespeeld in plaats van op de arm.
- dulcimer (Folk drone zither from N. America) — De dulcimer is een volksinstrument uit de Appalachen met een achtvormige klankkast van verschillende houtsoorten met vaak hartvormige klankgaten. Het instrument heeft drie of vier metalen snaren (waaronder bourdonsnaren) en diatonische fretten.
- aartsluit — Een aartsluit is een een tokkelinstrument uit de zestiende eeuw. Hij werd rond 1600 ontwikkeld als mengvorm tussen een hele grote theorbe en een tenorluit.
- archtopgitaar — Een archtopgitaar is een akoestische of semi-akoestische gitaar met stalen snaren en een kenmerkende gebogen bovenblad en is vooral populair onder jazz-spelers.
- arpeggione (bass viol with guitar frets and tuning) — De in 1823 uitgevonden arpeggione lijkt op een middeleeuwse vedel, maar met fretten. Het instrument wordt op dezelfde manier als een gitaar gestemd.
- autoharp
- bağlama (Turkish long-necked bowl lute) — De bağlama, een instrument dat ook vaak saz wordt genoemd, is een langhalsluit met instelbare fretten, een hals van berken- of jeneverbeshout, een klankbord van sparrenhout en een klankkast van verschillende houtsoorten. De zeven snaren worden met een plectrum bespeeld.
- baglamas (Treble bouzouki) — De baglamas is een langhalsluit die verwant is aan de Turkse luit.
- bajo sexto — Een bajo sexto is een Mexicaanse dubbelkorige basgitaar met twaalf snaren.
- balalaika
- bandora — Hoewel de bandora oorspronkelijk als een cister werd gebouwd, waren de zes of zeven koren meer als een luit gestemd.
- bandoera (Ukraininan lute-zither) — Een bandoera is een groot snaarinstrument dat overeenkomsten vertoont met de luit en de citer. Het instrument heeft een korte hals zonder fretten en dertig of meer snaren die over de hele klankkast zijn gespannen. De vier tot acht bassnaren worden over de hals gespannen.
- bandurria
- banhu (northern coconut huqin) — Een banhu is een Chinees strijkinstrument uit de familie van de huqin. Hij wordt ook wel banghu genoemd vanwege het gebruik in de bangzi-opera.
- gitaarbanjo — Een gitaarbanjo is een zessnarige banjo met de hals van een gitaar.
- banjo
- ukelelebanjo (banjo ukulele hybrid) — De ukelelebanjo is een in de jaren 1920 en 1930 populaire kruising tussen de klankkast van een banjo en de hals van een ukelele.
- banjoline (banjo and mandolin/violin hybrid) — De banjoline is meerdere keren in verschillende landen uitgevonden. Ze is een combinatie van de klankkast van een banjo en de hals van een mandoline, en is gestemd als een viool.
- barbat (ancient asian/persian lute) — De barbat is een antiek snaarinstrument uit Centraal-Azië of Perzië en een voorloper van de Iraanse oed. De huidige ‘Perzische barbat’ lijkt meer op een oed.
- baritongitaar
- barokgitaar (Baroque gut string guitar) — De barokgitaar is een voorloper van de moderne klassieke gitaar met darmsnaren en zelfs darmfretten. Het instrument werd voor het eerst beschreven in 1555.
- barytone (Bowed with pluckable strings) — De baritone is een hybride vorm van een viola da gamba en een bandora. Naast de snaren die met een strijkstok worden bespeeld, heeft het ook snaren om te tokkelen. Het werd tot eind 18e eeuw regelmatig in Europa bespeeld.
- basgitaar — De basgitaar is de basvariant van de gitaarfamilie. Gebruik voor de elektrische variant elektrische basgitaar en voor de akoestische variant akoestische basgitaar.
- basgamba (Bass member of the viol family) — De basgamba is tegenwoordig het meest bespeelde lid uit de viola da gamba-familie.
- basviool (Sixteenth century precursor of the (violon)cello) — De basviool is een 16e-eeuwse voorloper van de cello. Het instrument had geen fretten, F-gaten en had eerst drie en later vier snaren die in kwinten waren gestemd.
- berda (begeš, large bass serbo-croatian plucked stringinstrument) — De berda is een soort contrabas uit de Balkan met vier dikke metalen snaren. Het instrument maakt deel uit van het tamburica-orkest.
- berimbau
- bhapang (Rajasthani string membranophone) — De bhapang komt uit de Mewati-gemeenschap in Rahajastan in India. Het instrument wordt traditioneel gemaakt van een kalebas waar de boven- en onderkant van is afgesneden. Tussen de twee helften van de kalebas is een membraan gespannen waaraan een enkele snaar is bevestigd. Het instrument wordt bespeeld door de snaar met de hand te spannen en te tokkelen.
- bin-sitar (Hybrid fretted stick-zither)
- bisernica (prim, small serbo-croatian plucked stringinstrument) — Het kleinste lid van het Balkanese tamburica-orkest. Er zijn varianten met één dubbele snaar en drie enkele (prim/bisernica) en met twee dubbele en twee enkele snaren (bisernica).
- biwa — De biwa is een Japanse luit met fretten en een korte hals. Hij wordt bespeeld met een groot driehoekig plectrum.
- Blaster Beam (long metal bar with strings) — Een Blaster Beam is een lange metalen balk met snaren en elektrische gitaarelementen. Hij maakt een diep onheilspellend geluid en wordt vaak gebruikt voor filmmuziek.
- bolon — Een bolon is een traditionele basharp die in verschillende (West-)Afrikaanse landen wordt bespeeld.
- bouzar (hybrid of bouzouki and guitar) — De bouzar of gouzouki is een mengvorm van een gitaar en een bouzouki met de klankkast van een gitaar en vier dubbelkorige snaren zoals een bouzouki. Hij werd door meerdere instrumentenmakers apart ontwikkeld, zoals Stefan Sobell (bouzar) en Davy Stuart (gouzouki).
- bouzouki
- gestreken luit
- gestreken lier
- gestreken piano — Een piano waarbij de snaren worden gestreken met fijne draden van nylon of andere materialen.
- strijkpsalterium
- strijkinstrumenten
- brač (basprim, serbo-croatian plucked stringinstrument) — De brač is het één na kleinste lid van het Balkanese tamburica-ensemble. Een brač kan drie dubbele snaren hebben of twee dubbele en drie enkele snaren.
- bugarija (kontra, serbo-croatian plucked stringinstrument) — Het ritme-instrument van het Balkanese tamburica-orkest. De bugarija lijkt op een gitaar en heeft een dubbele D-snaar en drie enkele snaren.
- bulbul tarang (Indian keyed box zither) — De bulbul tarang is ontwikkeld uit de Japanse </a>taishogoto</a>. Het instrument is gemaakt van hout en de bourdon- en melodiesnaren worden met knoppen of toetsen bespeeld.
- buzuq — Een buzuq is een luit met een lange hals en fretten en is gerelateerd aan de Griekse bouzouki en de Turkse saz. Hij wordt geassocieerd met muziek uit Libanon en Syrië.
- cavaquinho (Small four-stringed Portugesian lute) — De cavaquinho is een kleine Portugese luit met vier staal- of darmsnaren. In Zuid- en Latijns-Amerika zijn veel afgeleide instrumenten te vinden.
- cello (Small bass of modern violin family) — De cello wordt ook violoncello (kleine grote altviool) genoemd. Het is het een-na-laagst klinkende lid van de moderne vioolfamilie. Het instrument is een belangrijk onderdeel van moderne symfonieorkesten.
- čelo (čelović or csello, counter serbo-croatian plucked stringinstrument) — De čelo is het contrapunt-instrument van het Balkanese tamburica-orkst. Net als de bugarija lijkt het op een gitaar.
- chakhe — De chakhe is een getokkelde citer met drie snaren in de vorm van een krokodil.
- chanzy — Een chanzy is een luit met drie snaren uit de Russische autonome republiek Toeva.
- Chapman stick
- charango (Small Andean lute) — Used by the Quechua and Aymara, it is a small lute of 5 courses with 10 strings
- chikuzen biwa — Een chikuzen biwa is een biwa met vier of vijf snaren en fretten die populair werd in de Meiji-periode.
- chitarra battente (Italian strumming 17th century guitar) — De chitarra battente werd vooral ontwikkeld als volks instrument voor het begeleiden van zang en dans. De voorkant is voorzien van een fijn gesneden klankgat. De vijf dubbelkorige (soms driedubbel) dunne stalen snaren zijn aan de onderkant met pennen bevestigd. De achterkant kan bol of vlak zijn.
- chitra-vina (Large South Indian fretless Carnatic slide lute) — De chitra-vina is een fretloze Zuid-Indiase luit die voor Carnatische muziek wordt gebruikt. De holle klankkast is gemaakt van nangkahout en het instrument heeft een secundaire resonator gemaakt van een uitgeholde kalebas. Het heeft zes hoofdsnaren, drie bourdonsnaren en elf tot twaalf resonantiesnaren. De toonhoogte wordt veranderd door met een hardhouten blok te schuiven.
- chuurqin (ancient predecessor of the Morin khuur) — De chuurqin is een Mongools strijkinstrument en de voorloper van de morin khuur.
- cimbalom (European hammered dulcimer)
- citole — Een citole is een archaïsch muziekinstrument dat lijkt op een moderne gitaar en ook een vroege voorganger is van dit instrument.
- cister
- dahu (large huqin) — Een dahu , ook bekend als cizhonghu of xiaodihu, is een groot Chinees strijkinstrument uit de familie van de huqin.
- classical guitar (Modern acoustic gut/nylon string guitar) — Also known as Spanish guitar, it is used in classical, folk and other styles, the strings are nylon or gut.
- klassieke kementsje — Een Turkse komvormige kementsje die vooral wordt gebruikt voor klassieke Ottomaanse muziek.
- klavichord
- clavinet (Electro-mechanical amplified clavichord) — De clavinet werd tussen 1964 en 1982 door Horner geproduceerd. De toetsen hebben met rubber bekleedde metalen hamers die metalen snaren aanslaan en twee elektrische opnemers. Veel moderne synthesizers kunnen het geluid van de clavinet nabootsen.
- cò ke — Een cò ke is een instrument dat wordt gebruikt door de Mường-minderheid in Vietnam. Hij lijkt op de đàn nhị en bestaat uit een cilindrische houten klankkast die bedekt is met slangenhuid. Hij heeft twee snaren die bespeeld worden met een strijkstok van paardenhaar.
- concertharp
- craviola (guitar/Viola caipira like plucked string instrument) — Een craviola is een gitaar met een karakteristieke asymmetrische vorm. Het klinkt als een combinatie van een klavecimbel (Portugees: cravo) en een viola caipira. Craviola’s kunnen zes of twaalf snaren hebben, zowel van nylon als van staal, en worden alleen door het bedrijf Giannini geproduceerd.
- Kretenzische lier — De Kretenzische lier is een Grieks peervormig strijkinstrument met drie snaren dat centraal staat in de traditionele muziek van Kreta en delen van Griekenland.
- crwth
- cuatro — Een groep Zuid-Amerikaanse gitaren.
- cümbüş (Turkish oud like) — De cümbüş werd uitgevonden door Zeynel Abidin, die vervolgens de naam van het instrument als achternaam aannam. Het Turkse instrument lijkt op een banjoline.
- đàn bầu (One-string Vietnamese tube zither) — Een đàn bầu is een mogelijk antieke Vietnamese buisciter. Oorspronkelijk gemaakt van bamboe met één snaar van zijde, maar tegenwoordig vaak van hout met een metalen snaar. De snaar zit aan één kant vast aan een beweegbare boom met resonator, en de melodie wordt gevormd door de spanning van de snaar te variëren.
- đàn nguyệt — De đàn nguyệt of đàn kìm is een Vietnamese luit met twee snaren, een lange hals en een ronde, platte klankkast.
- đàn nhị — De đàn nhị is een Vietnamees snaarinstrument met een kleine cilindrische kast die aan één kant bedekt is met slangenleer. De strijkstok beweegt tussen de twee snaren en het instrument heeft geen fretten. Dit instrument is uit China afkomstig maar heeft overal in Azië verwanten.
- đàn tam — De đàn tam is een Vietnamese luit met drie snaren en geen fretten.
- đàn tam thập lục (Vietnamese hammered dulcimer) — De đàn tam thập lục, een recent geïntroduceerd Vietnamees instrument, is een hakkebord met 36 snaren en is verwant met andere soorten hakkeborden over de hele wereld, zoals de Indiase santoor en de Europese cimbalon.
- đàn tranh — De đàn tranh is een lange citer met zestien snaren en hoge beweegbare bruggen. De snaren worden getokkeld met plectra, terwijl met de linkerhand op de snaren wordt gedrukt om de noten te versieren.
- đàn tứ — De đàn tứ, ook bekend als đàn đoản is een traditionele Vietnamese maanvormige luit met een korte hals.
- đàn tứ dây — Een latere constructie in de vorm van een viersnarige basgitaar met een vierkante kast.
- đàn tỳ bà — De đàn tỳ bà is een Vietnamese luit met een peervormige klankkast. Net als de Chinese pipa waar het instrument van afgeleid is, heeft de đàn tỳ bà zeer hoge fretten op de hals.
- daruan (Bass ruan) — De daruan (letterlijk: grote ruan) is het basinstrument uit de Chinese luitenfamilie ruan.
- diddley bow — Een diddley bow is een Amerikaans instrument met één snaar. Hij wordt meestal thuis gemaakt en bestaat uit een enkele snaar die wordt opgespannen tussen twee schroeven op een plank. Tussen de plank en de snaar wordt een glazen fles geklemd. Deze fles fungeert als brug en versterkt het geluid.
- dilruba — Een dilruba is een strijkinstrument uit Noord-India en wordt meestal gebruikt voor religieuze en licht-klassieke muziek.
- diyingehu (bass gehu (huqin)) — Een diyingehu is een Chinees strijkinstrument met vier snaren. Het instrument is het Chinese equivalent van de contrabas.
- djozeh (ancient Iraqi bowed string instrument) — De djozeh is een Irakees snaarinstrument dat bijna 5000 jaar geleden is ontstaan. De klankkast is gemaakt van een kokosnoot en het instrument heeft vier snaren.
- dolceola — Een dolceola is een muziekinstrument dat lijkt op een minipiano, maar eigenlijk een citer met een toetsenbord is.
- dombura — Een dombra is een luit met een lange hals uit Centraal-Azië.
- domra — Een domra is een Russisch snaarinstrument uit de luitfamilie met een lange hals, ronde kast en drie of vier metalen snaren.
- donso ngoni (West African calabash lute-harp) — Een donso ngoni is een zes-snarige harp uit West-Afrika. De klankkast wordt gemaakt van een kalebas en bedekt met een dierenhuid. Het instrument wordt traditioneel door jagers bespeeld.
- doshpuluur — Een doshpuluur is een luit met een lange hals uit de Russische autonome republiek Toeva.
- contrabas (Contrabass of modern violin family) — Een contrabas, ook wel staande bas of simpelweg bas genoemd, is het grootste en laagst klinkende lid van de moderne vioolfamilie. Het instrument is een belangrijk onderdeel van moderne symfonieorkesten.
- dramyen — Een dramyen is een traditionele luit met een lange hals en zeven snaren uit de Himalaya.
- dulce melos — Een dulce melos is een middeleeuws Europees tokkelinstrument dat lijkt op een psalterium en een mogelijke voorouder van de piano is. Het is eigenlijk een dulcimer met toetsen.
- dutar — Een dutar is een tweesnarige luit met een lange hals uit Iran en Centraal-Azië.
- duxianqin — Een duxianqin, ook wel yixianqin genoemd, is een citer met één snaar. Hij is waarschijnlijk afgeleid van de Vietnamese đàn bầu.
- elektrische basgitaar — De elektrische basgitaar heeft vier snaren en geen holle klankkast. Als in de pop- of rockmuziek een ‘basgitaar’ of ‘bas’ wordt vermeld, gaat het meestal om dit instrument.
- elektrische cello
- elektrische fretloze gitaar — Een elektrische fretloze gitaar is precies wat je van de naam zou verwachten.
- elektrische vleugel
- elektrische gitaar
- elektrische harp
- elektrische schootgitaar
- elektrische sitar (electric guitar variant of sitar) — De elektrische sitar is een elektrische afgeleide van de sitar en heeft vaak resonantiesnaren en een meer gitaarvormige klankkast.
- elektrische contrabas
- elektrische altviool
- elektrische viool
- erhu (Middle range huqin) — Een erhu is een Chinees strijkinstrument met twee snaren. Ook bekend als de Chinese viool, erfu of nanhu.
- esraj — Een esraj is een strijkinstrument uit Oost- en Centraal-India en wordt meestal gebruikt als begeleiding.
- vijfsnarige banjo — De vijfsnarige banjo is de meest voorkomende variant. De vijfde snaar is korter dan de andere, wat zorgt voor een ongelijk toonverloop.
- flamencogitaar (Guitar used in flamenco) — De flamencogitaar is afgeleid van de klassieke gitaar, maar heeft veel aanpassingen om een percussiever geluid te creëren. Oorspronkelijk had het net als luiten en violen houten stemschroeven. Het is lichter gebouwd dan de klassieke gitaar, heeft slagplaten (golpeadores) en het geluid blijft langer doorklinken.
- folkharp
- fortepiano
- viersnarige banjo — Bij de viersnarige banjo ontbreekt de bourdonsnaar. Het instrument wordt meestal met een plectrum bespeeld en heeft 22 fretten.
- fretloze basgitaar — Verschillende basgitaren zonder fretten.
- gdulka
- gaohu (High pitched huqin) — Een gaohu is een Chinees strijkinstrument dat is is ontstaan uit de erhu en een kwart hoger gestemd is.
- gayageum — Een gayageum is een traditionele Koreaanse citer met twaalf snaren.
- gehu (cello huqin) — Een gehu is een Chinees strijkinstrument met vier snaren en is gestemd als een cello.
- geomungo — Ook wel komungo of kŏmun’go of hyeongeum (letterlijk ‘zwarte citer’, ook gespeld als hyongum of hyŏn’gŭm) is een traditionele Koreaanse citer met zes snaren en zestien fretten.
- Duitse harp — Duitse/Boheemse harp
- qeychak (Persian double-chambered bowl lute) — De qeychak (ook wel ghichak of ghaychak) heeft vier metalen snaren en is uit één stuk hout gesneden in een vorm die lijkt op die van de sarinda. Het instrument heeft drie klankgaten: twee aan weerszijden van de korte hals en een onder de brug, afgedekt door een membraan.
Het instrument moet niet worden verward met het Oeigoerse spijkerluit ghidjak. - ghidjak (Uyghur spike fiddle) — Moet niet worden verward met de Perzische luit qeychak.
- ģīga — Een ģīga is een tweesnarige citer uit Letland die met een strijkstok wordt bespeeld.
- gittern (Medieval lute-like guitar forerunner) — Round-backed lute ancestral to the guitar
- ektara (Indian drum-zither) — Een ektara, ook ektar of ektara genoemd, is een snaarinstrument met een klankkast van hout of kokosnoot met een membraan aan de onderkant. De hals van gespleten bamboe zit vast aan de zijkant van de kast en er loopt één snaar van de hals naar het membraan.
De luit met één snaar die ook ektar wordt genoemd, kan je vinden onder tumbi. - vleugel
- Gravikord (Modern 24-stringed stainless steel kora) — De Gravikord is gebaseerd op het polyritme van de Afrikaanse kora en kalimba en de Japanse koto. Het is een elektroakoestisch instrument bestaande uit een frame van rvs met 24 nylonsnaren en een geïntegreerde piezo-elektrische sensor.
- gudok
- gitalele — Een gitalele is een gitaar-ukelele-hybride, waarbij het kleine formaat van de ukelele met de zes snaren van de klassieke gitaar is gecombineerd.
- gitaar
- guitarrón chileno — Een guitarrón chileno (letterlijk: grote Chileense gitaar) is een gitaar-achtig tokkelinstrument met meestal 25 snaren.
- guitarrón mexicano — Een guitarrón mexicano (of simpelweg guitarrón) is een erg grote Mexicaanse gitaar met zes snaren een een diepe kast die traditioneel wordt bespeeld in mariachi-orkesten.
- gimbri (3-stringed plucked bass-lute) — De gimbri is een soort luit die door de Gnawa wordt bespeeld. De houten klankkast is bespannen met een kamelenhuid, en het instrument heeft drie snaren van geitendarm.
- guqin — Een guqin is een Chinese citer met zeven snaren.
- goesli (Traditional Russian plucked psaltery) — De goesli is een antiek Russisch psalterium met vier tot 36 metalen snaren. Het wordt op verschillende manieren bespeeld, afhankelijk van de variant (zie de aantekening). Oorspronkelijk leek het op een platte harp en werd het bespeeld bij ceremonies en andere festiviteiten.
- guzheng — Een guzheng , ook wel zheng is een Chinese getokkelde citer met 18 tot 23 (meestal 21) snaren en beweegbare bruggen.
- haegeum (Korean silk-string fiddle) — De haegeum is een veelgebruikt Koreaans snaarinstrument met een houten klankkast, een staafvormige hals en twee snaren van zijde. Hij wordt met een strijkstok bespeeld.
- hakkebord
- hardangerviool — De hardangerviool is een viool uit de regio Hardanger in Noorwegen met vier melodiesnaren en vier tot vijf resonantiesnaren. Het instrument is meestal rijk versierd en wordt gebruikt bij traditionele hallingmuziek en -dans.
- harp — Een harp is een tokkelinstrument bestaande uit meerdere snaren die op een verticale lijst zijn gespannen.
- harpgitaar — Een harpgitaar is een gitaar met een aantal toegevoegde snaren die net als een harp kunnen worden bespeeld.
- harpejji (Electric guitar-piano tapping instrument) — Een harpejji is eigenlijk een kleine hybride tussen een elektrische gitaar en een piano, en wordt bespeeld door te tikken op meerdere parallel gespannen snaren die over een lang plat bord zijn gespannen.
- klavecimbel
- Hawaïaanse gitaar
- heike biwa — Een heike biwa is een biwa met vier snaren en vijf fretten en wordt vaak gebruikt om het verhaal van Heike Monogatari te begeleiden.
- hommel (Medieval pear-shaped drone zither) — Een hommel is een citer met een (deels) peervormige klankkast. Sommige snaren hebben fretten, en het instrument heeft zowel bourdon- als melodiesnaren. Het instrument is vernoemd naar het gelijknamige insect.
- draailier
- igil — Een igil is een strijkinstrument met twee snaren uit de Russische autonome republiek Toeva.
- Indonesische rebab (Indonesian spike-fiddle used in gamelan) — De rebab werd in de 15e eeuw in Indonesië geïntroduceerd en is een variant op rebabs in de vorm van een spijkerluit. De Indonesische rebab heeft twee metalen snaren en lange stemschroeven, en de klankkast is van hout of een kokosnoot gemaakt en bespannen met een huid. Het instrument geeft in het gamelan-ensemble de melodie aan en wordt ook gebruikt bij geneeskrachtige rituelen.
- Ierse bouzouki
- Keltische harp — Een Ierse of Keltische harp (ook wel clàrsach genoemd) is een driehoekige harp.
- jantar (Rajasthani stick zither) — Een jantar is een stokciter uit Rajastan. Het instrument is gemaakt van hout, heeft ten minste twee grote resonatoren van kalebas en de snaren liggen op hele hoge fretten.
Dit instrument moet niet worden verward met de 13e eeuwse tritantri-vina, die evolueerde naar de bin via een tussenvorm die ook ‘jantar’ wordt genoemd. - jeli ngoni (West African four-stringed grigot lute) — Een jeli ngoni is een banjo-achtige luit uit West-Afrika. Het wordt gemaakt van hout met een dierenhuid als membraan. Het instrument wordt traditioneel door griotten bespeeld.
- jing’erhu (Beijing opera supporting erhu (huqin)) — De jing’erhu is een Chinees strijkinstrument, vergelijkbaar met de erhu. De naam is ontleend aan het gebruik in jing-opera’s.
- jinghu (Beijing opera upmost small & high pitch huqin) — De jinghu is een Chinees strijkinstrument met twee snaren dat vooral in de opera van Beijing wordt gebruikt. De naam wordt ook gespeld als jing hu.
- jouhikko — Een jouhikko is een traditionele lier met twee of drie snaren uit Finland en Karelië. Hij wordt met een strijkstok bespeeld.
- katjapi (Family of Sundanese string zithers) — Traditioneel zijn er twee soorten katjapi, een ‘moeder’ (indoeng) en ‘kind’ (rintjik). De klankkast heeft de vorm van een boot. De moderne katjapi siter is rechthoekiger en platter.
- katjapi indoeng (Boat shaped zither used in Sundanese gamelan) — De katjapi indoeng (moeder) of parahoe (boot) heeft 18 bronzen snaren met elk een piramidevormige brug en een klankkast in de vorm van een boot met een open onderkant.
- katjapi rintjik (Small boat shaped zither used in Sundanese gamelan) — De katjapi rintjik (kind) bestaat uit een klankkast met een open onderkant en heeft 15 stalen snaren met elk een eigen brug.
- katjapi siter (Box zither used in Sundanese gamelan) — De katjapi siter is een moderne variant van de katjapi. Het is geïnspireerd door westerse citers en heeft twintig snaren en een plattere klankkast.
- kachva sitar (Flat-cut gourd sitar) — De kachva sitar is een sitar met een klankkast van kalebas, zestien fretten, twee stalen en drie messing snaren. In de jaren 1820 ontwikkelde Ghulam Mohammed op basis van dit instrument de surbahar.
In de 19e eeuw werd dit instrument onterecht door Tagore een ‘kachapi vina’ genoemd, maar dat instrument was een antieke luit met een korte hals die niet verwant is aan de kachva sitar. - kamale ngɔni (Modern ngoni made of calabash with more strings) — De kamale ngɔni is een moderne variant op de donso ngɔni, met meer snaren. Het instrument is gemaakt van kalebas en werd populair met de opkomst van Wassoulou-muziek in de jaren 1980 en 1990.
- kamānche (Persian spike-fiddle)
- kanklės (Traditional Lithuanian plucked psaltery) — De kanklės is het oudste instrument van Litouwen. De trapeziumvormige klankkast is gemaakt van een speciale boom. De vijf tot twaalf snaren zijn aan één kant aan een metalen staaf bevestigd en aan de andere kant aan houten pennen.
- kannel (Traditional Estonian plucked psaltery) — De kannel is het nationale symbool van Estland en verwant aan de Finse kantele. Hoewel het oorspronkelijk een klein instrument met vijf tot zeven snaren was, zijn moderne versies veel groter, met tot wel vijftig snaren.
- kantele (Traditional Finnish plucked psaltery) — De kantele is een traditioneel en mythologisch Fins psalterium. Er zijn twee varianten: de oudste variant bestaat uit een deel, heeft geen brug en vijf tot twintig snaren, oorspronkelijk van paardenhaar en later van metaal. De moderne ‘concertkantele’ heeft tot veertig snaren en een schakelmechanisme om de stamtonen te verhogen of te verlagen.
- qanûn / kanun — De qanûn, ook wel kanun, is een op een hakkebord of cimbalom lijkend snaarinstrument.
- Pontische kementsje — Een Turkse doosvormige kementsje die vooral wordt gebruikt voor volksmuziek.
- kementsje (Eastern Mediterranean bowed lute) — De kementsje (ook wel kemençhe) is een snaarinstrument met een langwerpige klankkast en een korte hals.
- doosciter met toetsen (Composite chordophone) — Een doosciter met toetsen is een samengesteld snaarinstrument waarvan een paar of alle snaren via toetsen of knoppen (toetsenbord) worden bespeeld.
- khim (Thai and Cambodian hammered dulcimer) — Een khim is een hakkebord uit Thailand en Cambodja dat via China in die landen terecht is gekomen.
- kinnor
- kithara
- kokle (Traditional Latvian plucked psaltery) — De kokle is een in de 13e eeuw in Letland ontstaan houten snaarinstrument met negen tot 33 diatonisch gestemde snaren. Het wordt in horizontale positie bespeeld door te tokkelen en bepaalde snaren te dempen.
- kokyu (Traditional Japanese bowed spikefiddle.) — Hoewel de kokyu lijkt op de shamisen en tegelijkertijd werd geïntroduceerd, is het een uniek Japans instrument. De hals is van ebbenhout en de klankkast van kokosnoot. Het instrument heeft drie (heel soms vier) snaren en wordt rechtop bespeeld met een strijkstok met paardenhaar.
- komuz (Ancient Kyrgys fretless string) — De komuz is een snaarinstrument met een klankkast die is gemaakt van één stuk abrikozen- of jeneverbeshout en drie darmsnaren. Het instrument is misschien wel 8000 jaar oud, is een nationaal symbool van Kirgizië en heeft afgeleiden in een groot deel van Oost-Europa.
- kora
- koto — De koto is een traditioneel Japans snaarinstrument met dertien snaren die over dertien beweegbare bruggen zijn gespannen.
- krar — Een krar is een vijf- of zessnarige lier met een komvormige klankkast uit Eritrea en Ethiopië.
- langeleik
- laouto (Greek long-neck lute) — De laouto verschilt van andere luiten door de hogere snaarspanning, waardoor het instrument meer als een oed klinkt. Het wordt vaak bespeeld in combinatie met een Kretenzische lier.
- schootharp (simplified zither) — De schootharp wordt gebruikt om kinderen te leren spelen. Het instrument is een vereenvoudigde citer in de vorm van een trapezoïde.
- schootgitaar
- laúd (spanish plucked chordophone) — De laúd is een Spaanse getokkelde cister die ook in het Spaanse diaspora wordt bespeeld.
- luitklavecimbel
- lavta — Een lavta is een tokkelinstrument uit Griekenland en Turkije.
- lira da braccio (Renaissance violin) — De lira da braccio is een strijkinstrument dat erg lijkt op een viool, maar naast vijf melodiesnaren het ook twee bourdonsnaren heeft. Met ‘lier’ kunnen verschillende instrumenten worden bedoeld. Zie draailier voor de viool met een zwengel, lier voor het antieke harpachtige instrument en Kretenzische lier voor de gestreken luit.
- lirone (Bass renaissance violin) — De lirone of lira da gamba is de basvariant van de lira da braccia. Het instrument heeft negen tot zestien snaren een een hals met fretten.
- liuqin (Small pearshaped chinese lute) — De liuqin wordt traditioneel gemaakt van wilgenhout, heeft vier snaren en een kleine peervormige klankkast. Hij wordt met een plectrum bespeeld en heeft een hoger geluid dan de pipa.
- luit — De luit is een snaarinstrument met een klankkast in de vorm van een in de lengterichting door midden gesneden ei en een korte, brede hals. Dit is het specifieke instrument, zie luitachtigen voor andere instrumenten die hierop lijken.
- luthéal — Een luthéal is een door Georges Cloetens ontworpen piano die zo is geprepareerd dat de klankkleur kan worden veranderd.
- lyra-viol (Small bass viol) — De lyra-viol is een kleinere variant van de basgamba met een vlakkere kam. Het instrument is specifiek geschikt voor het spelen van polyfonie en was vooral in Engeland populair.
- lier
- mandoloncello — De mandoloncello is de violoncello van de mandoline-familie.
- mandoguitar (electric guitar / mandolin hybrid) — Unison course tuned 12 stringed electric guitar body with mandolin neck, it is tuned an octave higher than a conventional guitar, thus having the tonal range of the mandolin.
Not to be confused with flat-backed mandolin which is also sold as "mando-guitar" - mandola
- mandoline
- mandoluit — Een mandoluit is een Noord-Afrikaans snaarinstrument met fretten. Het instrument is een combinatie van een traditionele oed met vijf paar metalen snaren.
- mandora (18th century bass lute) — De mandora werd in de eerste helft van de 18e eeuw uitgevonden. Het heeft zes of zeven enkel- of dubbelkorige darmsnaren en een lange hals die een hoek en een schroevenhouder die onder een hoek staat.
- Marxophone — Een soort fretloze citer.
- Mexicaanse vihuela — De Mexicaanse vihuela wordt gebruikt door mariachibands.
- minipiano — Een minipiano is een piano waarbij het mechanisme zich onder de toetsen bevindt, waardoor er efficiënt gebruik wordt gemaakt van de ruimte.
- morin khuur (traditional bowed Mongol fiddle) — De morin khuur is een snaarinstrument met een trapezevormige klankkast en twee snaren van nylon (modern) of paardenhaar (traditioneel). De krul is gesneden in de vorm van een paardenkop. Het is een belangrijk instrument voor de Mongoliërs.
- muziekboog
- ngoni (West African gourd-lute) — Een ngɔni is een West-Afrikaanse luit, gemaakt van hout of kalebas.
- njarka (Malian single string gourd-fiddle) — De njarka is een snaarinstrument met een klankkast die bestaat uit een holle gedroogde kalebas die is bedekt met geitenhuid. Het instrument is voorzien van één darmsnaar en wordt met een strijkstok van paardenhaar bespeeld.
- nyatiti — Een nyatiti is een tokkelinstrument met vijf tot acht snaren uit Kenia.
- nyckelharpa / sleutelharp — Een nyckelharpa is een traditioneel Zweeds snaarinstrument.
- octaafmandoline — De octaafmandoline of tenormandoline is een mandoline die een octaaf lager gestemd is dan een gewone Mandoline.
- octavilla (Spanish melody & strumming guitar) — De octavilla werd in de late 19e en begin 20e eeuw bespeeld. Samen met de bandurria en de laúd zorgde het voor de melodie in ronda’s en rondalla’s. Hij had zes paar snaren en was een kwart lager gestemd dan de bandurria. Met de opkomst van de contra-altbandurria raakte het instrument in onbruik.
- octavina (Filipino rondalla guitar) — De octavina heeft zijn oorsprong in de Spaanse invloed op de Filipijnse cultuur. Het instrument heeft veertien snaren en een korte hals met zestien tot twintig fretten. Het wordt vaak bespeeld in combinatie met de laúd, een nauw verwant instrument.
- octobas (Extralarge 3-string Bass) — De octobas is het allergrootste strijkinstrument. Het is tot vier meter hoog en heeft drie snaren die met hendels en pedalen worden bespeeld.
- oktawka — Een oktawa is een kleine traditionele Poolse viool.
- orpharion (Metal stringed renaissance lute.) — De orpharion is een cistern met metalen snaren die onder weinig spanning staan en aflopende fretten. He is in de 16e eeuw in Engeland uitgevonden.
- orphica (late 18th century portable piano with shoulder strap) — De orphica is een in 1795 uitgevonden draagbare piano. Zij is afgeleid van de bauchladenspinett uit de barok en een voorloper van de keytar.
- oed
- ovale spinet (late 17th century oval harpsichord) — Een ovale spinet (eigenlijk een virginaal) is een toetsinstrument waarvan de snaren in een ovaal zijn opgesteld, waardoor een sterkere en compactere constructie mogelijk was. Er zijn twee exemplaren bewaard gebleven.
- Paraguayaanse harp — Een Paraguayaanse harp is een diatonische harp met 32 tot 48 snaren uit Paraguay en Venezuela.
- pardessus de viole (Smallest member of the viol family) — De pardessus de viole is het kleinste lid (sopranino) van de familie viole da gamba.
- pedaalpiano — De pedaalpiano heeft een toetsenbord dat met de voeten wordt bediend, net als een orgelpedaal.
- steelgitaar met pedalen
- piano
- spinetpiano (small drop action piano) — De spinetpiano is een kleine piano waarin het echappement via stokjes wordt aangedreven. Ze werden vanaf ongeveer 1930 tot de vroege jaren 1990 gefabriceerd.
- pipa (Pearshaped chinese lute) — Een pipa is een Chinese peervormige getokkelde luit met vier snaren en 12 tot 26 fretten.
- tokkelinstrumenten
- boogluit (bow lute from West Africa) — De boogluit of pluriarc is een West-Afrikaans instrument met meerdere gebogen halzen die elk één snaar hebben. Het instrument wordt soms als een harp en soms als een luit bespeeld.
- Portuguese guitar (Portugese plucked lute) — Used in fado, it has twelve steel strings, strung in six courses.
- geprepareerde piano — Een geprepareerde piano is een piano waarbij het geluid wordt veranderd door objecten tussen of op de snaren, hamers of dempers te plaatsen.
- psalterium
- ravanahatha — Een ravanahatha is een antieke viool die ooit populair was in West-India en Sri Lanka.
- rebab (Generic rebab catch-all) — De naam ‘rebab’ wordt gebruikt voor met name drie families snaarinstrumenten (gestreken en getokkeld):
- Grote, bootvormige instrumenten met een korte hals van het sarinda-type, zoals de kabuli-rebab
- Kleine spijkerluiten van het huqin-type, zoals de Indonesische rebab
- Verschillende formaten instrumenten met een peervormige klankkast en verschillende halslengtes, zoals de Kretenzische lier
Dankzij de soortgelijke namen worden ze in bronnen vaak door elkaar gehaald. Ook worden ze vaak verward met soortgelijke instrumenten zoals de ghidjak (een spijkerluit) en queychak (met bootvormige klankkast).
Het is nu niet bekend of de drie ondersoorten aan elkaar verwand zijn.
Zie Indonesische rebab voor de spijkerluit die in gamelan-ensembles wordt gebruikt.
Zie roebab voor het bootvormige Afghaanse instrument kaboeli rebab.
Zie seni rebab voor de middeleeuwse Indiase getokkelde luit.
Zie rebec voor de middeleeuwse Europese peervormige vedel. - rebec (Medieval bowed lute) — With a pear shaped body made from a single piece of wood, this medieval bowed string instrument originated as a Byzantian lyra-like variant of the Arabic rebab and was a possible influence to the violin.
- resonatorgitaar — Resonatorgitaar van het merk Dobro.
- ronroco (South American square charango) — An octave lower than the charango, it is the largest member of the family.
- ruan — De ruan is een familie van Chinese getokkelde luiten.
- roebab (Ancient Afghan plucked lute member of the bowed rebab family) — De roebab is verwant aan het strijkinstrument rebab en wordt in veel landen van India tot Afghanistan bespeeld. Het instrument is gemaakt van hout en bedekt met een membraan en heeft drie melodiesnaren, drie bourdonsnaren en elf of twaalf resonantiesnaren.
- rudra-vina (Ancient large North Indian tube zither) — De rudra-vina wordt als de stamvader van alle Indiase snaarinstrumenten (vina) beschouwd. Het werd gebruikt bij rituelen en meditatie, Noord-Indiase raga en dhrupadmuziek. Het heeft twee resonatoren van gedroogde kalebas en een klankkast van bamboe, 24 houten fretten, 4 hoofdsnaren, 2 tot 3 secundaire snaren en een bourdonsnaar.
- samica (solo serbo-croatian plucked lute) — De samica staat ook bekend als dangubica of kuterevka. Hij lijkt op de bisernica en is een voorloper van alle instrumenten van het tamburica-orkest. Hij is een langhalsluit met twee dubbele snaren en wordt getokkeld.
- sanshin — Een shanshin is een snaarinstrument uit Okinawa bestaande uit een kast van slangenhuid en een hals met drie snaren. Traditioneel wordt hij bespeeld met een hoornen plectrum dat rond de wijsvinger wordt gedragen.
- santoor (Traditional Indian dulcimer) — De santoor is een antiek hakkebord met een trapeziumvormige klankkast van walnoten- of esdoornhout, 25 bruggen met elk 4 snaren die met speciale hamers, mezrab, worden aangeslagen. Het instrument wordt gebruikt bij traditionele, volks- en mystieke soefimuziek.
- santur (Persian/Iran hammered dulcimer) — De santur is een Perzisch-Iraans hakkebord.
- sanxian — Een sanxian is een Chinese luit met drie snaren.
- sarangi — De sarangi is een strijkinstrument met een korte hals uit India, Nepal en Pakistan.
- Saraswati-vina (Ancient Carnatic veena lute) — De Saraswati veena wordt gebruikt in de Carnatische muziektraditie en is vernoemd naar de godin van kunst en muziek Saraswati. Het instrument is al sinds de oudheid bekend. Het is een luit met een klankkast van kalebas en heeft 24 vaste fretten en zeven stalen snaren (vier hoofdsnaren en drie bourdonsnaren).
- šargija — Een šargija is een getokkelde luit met een lange hals die wordt gebruikt voor volksmuziek uit de Balkan.
- sarod
- sasando (Indonesian tube zither) — De sasando bestaat uit een bamboebuis met snaren met half daaromheen een resonator van palmyrapalmbladeren. Het traditionele Indonesische instrument heeft een belangrijke plaats in de geschiedenis van het eiland Roti. Het instrument wordt nog steeds bespeeld en gemoderniseerd.
- satsuma biwa — De satsuma biwa is een biwa met vier snaren en fretten die populair werd in de Edo-periode.
- saw duang — Een saw duang is een tweesnarig instrument dat wordt gebruikt voor traditionele Thaise muziek. Hij heeft een cilindrische klankkast van hout en een resonator van slangenhuid.
- saw sam sai — Een saw sam sai is een driesnarig strijkinstrument uit Thailand.
- saw u — Een saw u is een Thais strijkinstrument met een klankkast die wordt gemaakt van de schil van een kokosnoot en een resonator van koeienhuid.
- saz — Saz is een familie van snaarinstrumenten waaronder de bağlama valt. De term saz wordt vaak foutief gebruikt voor een bağlama.
- seni rebab (Medieval Indian evolution of the Afghan (kabuli) rabab) — De seni rebab is is een doorontwikkeling van de kaboeli rebab, met een klankkast die is bedekt met huid, een houten toets en voornamelijk darmsnaren. In de middeleeuwen werd het instrument verbeterd door Tansen, die onder andere metalen resonantiesnaren toevoegde.
- setar (Persian three-stringed long-necked lute) — De setar werd in de 13e eeuw door de Perzische dichter Amīr Khusrow ontwikkeld uit de Indiase tritantri-vina. Het had drie (tegenwoordig vier) snaren en een lange hals. Het gaf ook de naam aan de Indiase sitar.
- shamisen
- shichepshin — Een shichepshin is een traditioneel strijkinstrument dat wordt gebruikt door de Circassiërs uit het noorden van de Kaukasus.
- shudraga — De shudraga (ook bekend als shanz en shadraga) is een Mongoolse luit zonder fretten en met drie snaren.
- sitar (Indian long-necked fretted gourdlute) — De sitar is een instrument met een klankkast van kalebas, achttien tot 21 metalen snaren (zes of zeven op fretten en elf tot vijftien resonantiesnaren daaronder), twee bruggen en een lange houten hals waaraan de stemschroeven voor de resonantiesnaren aan zijn bevestigd. Het instrument wordt als sinds de oudheid in India gebruikt, had een bloeiperiode in de 16e en 17e eeuw en kreeg zijn huidige vorm in de 18e eeuw. In de jaren ’50 en ’60 werd het in de hele wereld populair.
- slidegitaar
- sopraanviool — De sopraninoviool is een octaaf hoger gestemd dan de standaardviool en is ongeveer driekwart zo groot.
- spijkerluit — De spijkerluit is een snaarinstrument met een relatief kleine klankkast, een lange hals en vaak maar een paar snaren. Onderaan de klankkast zit vaak een pin waarmee het instrument op de grond kan worden gezet en waaraan de groep instrumenten zijn naam dankt.
- spinet (A smaller harpsichord, strings at an angle) — Een kleinere variant van een klavecimbel, meestal staan de snaren in een hoek van 30 graden op het toetsenbord.
- spinettone (extralong spinet with deep bass register) — Een spinettone is een uitzonderlijk lange, meerkorige spinet. De lage tonen worden geproduceerd door langere in plaats van dikkere snaren.
- Hawaï-gitaar
- steel-string acoustic guitar (Modern acoustic steel string guitar) — Also know and "flat-top", it is a hollow-body acoustic guitar strung with steel strings.
- stokciter — Stokciters zijn instrumenten met een kast in de vorm van een eenvoudige stok en een of meerdere snaren. Sommige instrumenten uit deze groep hebben één of meer resonatoren van kalebas of hout.
- snaarinstrumenten
- violofoon (Horn-amplified violin) — De violofoon (ook wel strohviool, trompetviool of schaatsviool genoemd) is een viool met een metalen hoorn in plaats van een houten klankkast. Het geluid is luider en meer gericht, wat deze viool geschikt maakt voor omgevingen met veel lawaai.
- aangeslagen snaarinstrumenten
- suka — Een suka is een traditionele viool uit Polen. Hoewel bijna verdwenen, wordt hij tegenwoordig weer vaker bespeeld.
- surbahar (Bass sitar) — De surbahar is eigenlijk een bassitar met vier hoofdsnaren, drie tot vier bourdonsnaren en tien tot elf resonantiesnaren en een lange houten hals. Het is gemaakt van een vlak afgesneden kalebas en heeft soms een tweede resonator (tumba). Sitarspeler Ghulam Mohammed vond het instrument in 1825 uit omdat hij een lager geluid wilde.
- surshringar (19th century large North-Indian dhrupad bass-sarod) — De sursingar is een Indiaas snaarinstrument met een houten kast en een kalebas die in verbinding staat met de holle houten hals. De toets en de snaren zijn van staal of brons.
Het instrument werd veel gebruikt voor dhroepad-muziek, maar is tegenwoordig zeldzamer. - swarmandal (North Indian trapezoid board zither) — De swarmandal is een citer met een trapeziumvormige klankkast en maximaal veertig metalen snaren die aan beide kanten met ijzeren pennen zijn vastgemaakt. Hij wordt vooral bij klassieke Indiase khyal- en thymri-muziek bespeeld.
- tafel-Hawaï-gitaar
- honky-tonkpiano — Een honky-tonkpiano is een permanent aangepaste piano, waarbij er nagels of spijkers in de hamers geslagen zijn om het instrument een metaalachtig percussiegeluid te geven.
- taishogoto (Japanese keyed box zither) — Een taishogoto is een Japanse citer die in de vroege Taisho-periode werd ontwikkeld om de ningenkin te moderniseren. Het instrument heeft metalen snaren, toetsen die lijken op die van een typemachine en een houten afdekking boven de fretten.
- talharpa — De talharpa is een viersnarige lier die met strijkstok wordt bespeeld en vooral wordt bespeeld in Estland en Noord-Europa.
- tambura (Macedonian/Bulgarian long-necked lute) — De tambura is een luit met een lange hals uit Macedonië en Bulgarije. Niet verwarren met het Joegoslavische tamburica-ensemble, verschillende antieke Perzische en Turkse instrumenten die van de tanbur zijn afgeleid en de Indiase tanpura en pandour.
- tanbur (Persian/Turkish ancient long-necked lute) — De tanbur is een antieke voorloper van een aantal luitachtige instrumenten.
- tangentpiano
- tanpura (Indian drone long-necked frettless gourdlute) — De tanpura is een fretloze langehalsluit die vaak wordt gebruikt om een sitar te begeleiden.
- tār (lute) — Een tar is een tokkelinstrument in de vorm van een gitaar met vijf tot acht snaren. Hij wordt van Iran tot in Georgië gebruikt. Niet te verwarren met de trommel met dezelfde naam.
- te kuu (Māori taonga pūoro single string bow) — Een te kuu, ook wel gewoon ‘kuu’ genoemd, is een mondboog met een enkele snaar die met een klein stukje bot of hout wordt aangeslagen.
- tenorbanjo (4 string tenor banjo) — De tenorbanjo wordt voor ritmische begeleiding gebruikt. Het instrument heeft een kortere hals en 17 tot 19 fretten.
- tenorgitaar — Slightly smaller, four-string version of the steel-string acoustic guitar
- tenorgamba (Tenor member of the viol family) — De tenorgamba is de tenor van de familie viole da gamba.
- tenorviool — Een tenoorviool is een octaaf lager gestemd dan een traditionele viool en is ongeveer half zo groot als een cello. Het bereik zit tussen een cello en een altviool in.
- theorbe (Extended necked many-stringed lute) — De theorbe werd eind zestiende eeuw in Italië ontwikkeld als een basluit met een vergroot bereik. Het heeft een verlengde nek met een tweede schroevenhouder.
- tiple
- tololoche — Een tololoche is een traditioneel muziekinstrument uit het noorden van Mexico. Hij lijkt op een contrabas, maar is kleiner.
- tonkori — Een tonkori is een tokkelinstrument dat wordt bespeeld door de Ainu uit Hokkaidō, Noord-Japan en Sakhalin.
- topshuur — Een topshuur is een luit met twee snaren uit Mongolië en de Russische autonome republiek Toeva.
- speelgoedpiano
- discantgamba (Treble/soprano member of the viol family) — De discantgamba is de sopraan van de familie viole da gamba.
- sopraninoviool (Smallest member of the new violin family) — De sopraninoviool is een octaaf hoger gestemd dan de traditionele viool en ongeveer vier keer zo klein.
- tres
- tritantri-vina (Indian medieval three-stringed stick zither) — De tritantri-vina is een citer met drie snaren dat vooral in India tijdens de middeleeuwen werd bespeeld.
Zie sitar voor de negentiende-eeuwse langhalsluit die ook tritantri-vina wordt genoemd. - tromba marina — Een tromba marina of marinetrompet is een driehoekig strijkinstrument met één snaar dat vooral werd bespeeld in Europa tijdens de Middeleeuwen en de Renaissance. De naam komt van het feit dat de klank lijkt op die van een trompet.
- buisciter — Een buisciter is een citer met een holle of gebogen klankkast en kan meerdere resonatoren hebben.
- thumbi — De tumbi of toombi is een tokkelinstrument met één snaar uit Punjab.
- tzouras
- ukeke — Een ūkēkē is een Hawaïaanse muziekboog gemaakt van koahout. Hij is veertig tot zestig centimeter lang en ongeveer vier centimeter breed en heeft twee of drie snaren.
- ukelele — Een ukelele is een klein gitaarachtig instrument uit Hawaï. Hij heeft meestal vier snaren van nylon of darm.
- huiskamerpiano / buffetpiano / pianino
- ütőgardon (Hungarian percussion-viol) — De gardon is een volksinstrument uit Hongarije en Transsylvanië met een klankkast van dik esdoorn-, populieren- of wilgenhout en drie of vier snaren die worden getokkeld of met een stok worden aangeslagen.
- valiha — De valiha is een buis-citer gemaakt van bamboe uit Madagaskar.
- vichitra-vina (Large North Indian fretless sliding tube zither) — De vichitra-vina is een snaarinstrument met twee grote resonatoren van kalebas en een kast van teakhout. Het instrument heeft geen fretten, vier hoofdsnaren, vijf chikarisnaren en dertien resonantiesnaren. Het instrument wordt bespeeld met een glazen bol op een manier die lijkt op het bespelen van een slidegitaar.
- vedel (Medieval violin)
- Vietnamese gitaar — De Vietnamese gitaar lijkt op een normale gitaar, maar met een schelpvorimge toets. Hierdoor zijn de fretten hoger, net zoals bij de đàn nguyệt.
- vihuela (Spanish string instrument.)
- altviool (Alto of modern violin family) — De altviool, ook wel viola, alto of bratsche genoemd (allemaal afgeleid van de volledige Italiaanse naam ‘alto de viola da braccio’), is de alt van de moderne vioolfamilie en een belangrijk onderdeel van een symfonieorkest.
- viola caipira (Brazilian música caipira guitar) — De viola caipira is een Braziliaanse gitaar met tien stalen snaren in vijf dubbele koren en wordt bij volksmuziek bespeeld.
- viola d’amore (Baroque fretless similar to both viols and violins.) — Hoewel de viola d’amore geen fretten heeft en net als de viool ‘alla braccia’ wordt bespeeld, heeft het een vlak onderblad, aflopende schouders en C-gaten, net als een viola da gamba. Het instrument stamt uit de barok en kan tot veertien snaren hebben.
- viola da gamba (Generic member of the viol family, Use for "Viol" Credits) — De viola da gamba is een generiek lid van de viola de gamba-familie. Gebruik dit instrument als de bron viola of viol noemt. Meestal wordt echter de basgamba bedoeld.
- viola organista
- viool (Soprano of modern violin family) — De viool is het beroemdste lid van de vioolfamilie. De Italiaanse naam betekent eigenlijk ‘kleine altviool’. Het register is sopraan en het instrument is een belangrijk onderdeel van een symfonieorkest.
- violino piccolo — Een violino piccolo is een snaarinstrument uit de barok. De meeste zijn ongeveer even groot als een kinderviool en een derde of een kwart hoger gestemd.
- vioollier (cretan lyra / violin hybrid) — De vioollier is een in de jaren 1920 door Griekse luitmakers ontwikkelde hybride van de viool en de Kretenzische lier.
- violoncello piccolo (for violoncello use "cello") — Baroque string instrument sized between the viola and cello, it typically has five strings.
- violone (Contra/double-bass member of the viol family) — De violone is het grootste en laagst klinkende lid van de viole da gamba-familie.
- violotta
- virginaal — Een virginaal is een toetsinstrument met enkelkorige besnaring die parallel aan het toetsenbord ligt.
- walaycho (Smallest member of charango family) — Smaller than the charango, it has 10 strings.
- Warr-gitaar
- washtub bass (Improvised monochord) — Consisting of a stick, a string and an resonator of various materials, it is used in many countries' low-cost and DIY cultures. It's technically a variable tension chordophone.
- harp met metalen snaren
- xalam
- yangqin (Chinese hammered dulcimer) — De yangqin is een Chinees hakkebord, vergelijkbaar met hakkeborden uit India, het Midden-Oosten en Europa.
- yatga — Een yatga of yatug is een traditionele Mongoolse getokkelde citer. Hij is vergelijkbaar met de Chinese guzheng.
- yaylı tanbur (Turkish bowed lute) — De yaylı tanbur is een luit uit Turkije die met een strijkstok wordt bespeeld. Hij is afgeleid uit de oudere getokkelde tanbur.
- yehu (southern coconut huqin) — De yehu is een Chinees strijkinstrument uit de familie van de huqin, gemaakt uit de schil van een kokosnoot.
- jootsjin (Mongolian wire-stringed hammered dulcimer) — De jootsjin werd vanuit China in Mongolië geïntroduceerd. Het heeft dertien dubbele snaren en een zwartgelakt houten klankbord. Het instrument werd oorspronkelijk alleen door dorpsbewoners bespeeld.
- yueqin (Traditional Chinese lute) — De yueqin heeft een korte hals met fretten en vier snaren die traditioneel van zijde, maar tegenwoordig van nylon of staal worden gemaakt. Dankzij de schijfvormige klankkast heeft het instrument de bijnamen maangitaar en maanciter.
- zhonghu (Alto huqin) — Een zhonghu is een Chinees strijkinstrument dat ontwikkeld is uit de erhu.
- zhongruan — De zhongruan is een Chinese luit uit de familie van de ruan.
- zhuihu (Wooden huqin) — De zhuihu is een fretloze huqin uit de provincie Henan. Het instrument heeft twee snaren en is gemaakt van hout.
- citer
Percussie-instrument
- afoxé (Brazillian rattle-gourd) — Made of a gourd wrapped in a beaded net, it is used in Brazilian afoxé music.
- agogô — Een agogô is een enkele of meervoudige bel die wordt gebruikt voor sambamuziek en zijn oorsprong vindt in de Yoruba-muziek.
- akete (set of Nyabinghi drums) — De akete is een drumstel uit drie delen, baandu, funde en keteh. Het instrument wordt veel gebruikt in Burru- en Nyabinghi-muziek.
- alfaia — Een alfaia is een Braziliaanse cilindrische trommel.
- amadinda — Een amadinda (ook madinda) is een enorme Zuid-Oegandese xylofoon met resonerende hardhouten toetsen.
- aman khuur (mongolian mouth harp) — Er zijn twee soorten aman khuur: temür/tömör khuur (staal) en khulsan khuur (bamboe).
- angkloeng (Single pitch bamboo rattle xylophone used in Sundanese gamelan) — Een angkloeng bestaat uit twee of drie bamboebuizen die in een raamwerk van hout of bamboe hangen waarmee wordt geschud. Het instrument wordt al sinds de oudheid door de Soendanezen bespeeld.
- enkelratels
- aambeeld (Tuned metal shape.) — Aambeelden werden oorspronkelijk door smeden gebruikt, maar de heldere toon werd al door vroege componisten herkend. Tegenwoordig worden ze vaak speciaal voor muziek gemaakt en soms in een resonator geplaatst. Ze worden met metalen hamers bespeeld.
- arrabel (Spanish bone scraper) — De arrabel is een idiofoon gemaakt van beenderen, samengebonden met touw. Het instrument wordt bespeeld door er met een zeeschelp, of in Catalonië met een castagnet, overheen te schrapen. De ginebra is een variant gemaakt van riet.
- ashiko (cone shaped west african frame-drum) — De ashiko is een conische lijsttrommel met een vel van geitenhuid, afkomstig van de Yoruba in West-Afrika.
- atabaque — Een atabaque is een langwerpige Braziliaanse trommel.
- atarigane — De atarigane is een Japanse gong die met een hamer van hertenhoorn wordt aangeslagen.
- baandu (Nyabinghi bass drum) — Een baandu (ook wel thunder of pope smasher) is een grote trom met een dubbel membraan van geitenhuid en wordt met een gestoffeerde hamer bespeeld. Het instrument is een belangrijk onderdeel van Jamaicaanse Burru-muziek en de Rastafari-beweging.
- balafoon — Een balafoon, soort xylofoon van kalebasflessen uit Mali.
- bangu (Traditional Chinese frame drum) — De bangu wordt veel gebruikt voor volksmuziek, opera en in muziekensembles. Hij kan rond of conisch zijn en het grootste uiteinde is bespannen met een koeien- of varkenshuid.
- vattrommel
- grote trom
- batátrommel (Double headed hourglass Nigerian drums) — De zandlopervormige batátrommel heeft aan beide uiteinden een membraan. Het instrument wordt vooral bespeeld tijdens de religieuze rituelen van de Yoruba in Nigeria en de diaspora. Er zijn drie formaten, van groot naar klein iyá, itótele, okónkolo.
- bedoeg (Very large suspended Javanese barrel drum) — Een bedoeg is een extra grote dubbelkoppige trommel met een membraan van buffelhuid. De trommel wordt aan een rek opgehangen en met een hamer aangeslagen. Het instrument maakt deel uit van het gamelanensemble en wordt ook in moskeeën gebruikt.
- bel (Tuned metal cups) — Bellen in de vorm van een kom of bel die worden geschud of aangeslagen.
- bell plate (Set of tuned metal plates used in western orchestra) — Used occasionally in the western classical orchestra and theatre, it consists of several tuned aluminium, steel or bronze plates, struck to imitate the sound of bells.
- bellenboom — Een bellenboom is een percussie-instrument, bestaande uit verticaal in elkaar passende omgekeerde metalen kommen.
- bendir — De bendir is een lijsttrommel zonder belletjes uit Noord-Afrika.
- fietsbel — Een fietsbel maakt geluid door met de duim een veer aan te spannen die bij het loslaten metalen schijfjes langs de behuizing van de bel laat ratelen.
- bin-sasara — Bin-sasara (of binzasara), Japans percussie-instrument gemaakt van plaatjes hout, gemonteerd aan een koord met handvatten aan de uiteindes. Hij wordt bespeeld door het koord een golfbeweging te laten maken.
- bodhrán
- lichaamspercussie — Percussie die wordt uitgevoerd met lichaamsdelen.
- bombo legüero (Andean bass-drum) — Used in folklore music of Andes, it is a descendant of European bass drum. It has a shoulder strap and two soft headed mallets used to strike the goat or llama pelt membrane.
- bonang (Family of bronze gong-chime sets used in Javanese gamelan) — De bonang bestaat uit bronzen gongketels met knobbels op een rijkversierd houten raamwerk. De gongs worden met tabueh-hamers beslagen.
- bonang barung (Medium pitched gong-chime set in Javanese gamelan) — De bonang baroeng is een tot twee octaven lager gestemd dan de paneroes. Het instrument wordt gebruikt voor het spelen van ingewikkelde melodieën en is een van de belangrijkste leden van het ensemble.
- bonang panemboeng (Lowest pitched gong-chime set in Javanese gamelan) — De bonang panemboeng wordt vooral in het gamelanensemble uit Jogjakarta bespeeld. Het is het grootste en laagst klinkende lid van de bonangfamilie.
- bonang paneroes (Highest pitched gong-chime set in Javanese gamelan) — De bonang paneroes is het hoogst gestemde lid van de bonangfamilie en wordt gebruikt om snelle melodieën te spelen.
- botjes (Folk music idiophone) — Botjes zijn ritmestokjes gemaakt van been of hout die in één hand worden gehouden. Ze worden bespeeld in volksmuziek.
- bongos
- boebam (arrangement of bamboo tube-drums) — Een boebam is een pijp van bamboe met een membraan van geiten- of kalfshuid. De toonhoogte hangt vooral van de lengte van de pijp af. Het instrument is een voorloper van de octoban.
- boomwhacker (Tuned hollow plastic tubes) — De boomwhacker wordt vaak gebruikt voor muziekonderwijs of door straatmuzikanten. Het instrument bestaat uit losse kleurrijke holle buizen van plastic met verschillende diameters waarmee op verschillende voorwerpen wordt geslagen om geluid te maken, of ze worden naar grootte gerangschikt en met hamers aangeslagen.
- kwastjes
- buk — Een buk is een Koreaanse trommel. Hoewel buk een algemene term voor trommel is, verwijst de term meestal naar een ondiepe tonvormige trommel van hout.
- kabassa (Modern wood and metal-bead shaker) — De kabassa is ontstaan uit de Afrikaanse agbe. Het is een kleine shaker die lijkt op de shekere, gemaakt van hout en metaal met metalen kogeltjes.
- caixa (Brazilian Samba snare-drum) — De caixa wordt traditioneel bespeeld in samba- en maracatumuziek. Hij stamt af van Europese militaire trommels. Het is een metalen trommel met een diameter van 30-35 cm, bespannen met een synthetisch materiaal waarover een metalen draad of een gitaarsnaar is gespannen.
- cajón — Een handtrommel met een slagvlak van hout uit Peru.
- kalebas — Een kalebas is een instrument dat gemaakt is van een gedroogde en uitgeholde kalebas en waar met de handen of objecten op wordt geslagen.
- tjaloeng (Bamboo xylophone used in Sundanese gamelan) — De tjaloeng is een percussie-instrument dat bestaat uit verticaal opgehangen bamboebuizen die voor de juiste toonhoogte op maat zijn gesneden. Het instrument kan zowel hangend als op een rek (als een xylofoon) worden bespeeld.
Zie voor de Balinese metallofoon die ook soms tjaloeng wordt genoemd djoeblag. - carillon (belfry tower bell set) — Een carillon is een ensemble van klokken dat met een toetsenbord wordt bespeeld. Carillons zijn vaak gemechaniseerd en te vinden in klokkentorens.
Zie voor de metallofoon van metalen plaatjes dat als speelgoed en instrument wordt gebruikt glockenspiel. Zie voor de getokkelde idiofoon die met een slinger wordt bespeeld speeldoos. - castagnetten (Pair of concave shells) — Castagnetten zijn schelpvormige kleppers van hout, bot, schelp of glasvezelversterkte kunststof, die per paar met een koordje aan elkaar zijn bevestigd en vaak door dansers worden gebruikt.
- caxixi — De caxixi is een percussie-instrument bestaande uit een trommel gevuld met zaden of andere kleine deeltjes.
- celesta (Struck metal plate keyboard instrument) — De celesta werkt ongeveer hetzelfde als een piano, maar bij dit instrument bedienen de toetsen metalen hamertjes die tegen metalen plaatjes aanslaan, waardoor een zacht belachtig geluid ontstaat.
- çevgen (Ceremonial Ottoman jangle-staff) — Een schellenboom bestaat uit een paal van 2 tot 2,5 m hoog met een bronzen halve maan waarin bellen en schellen zijn bevestigd. Het instrument komt oorspronkelijk uit Centraal-Azië en heeft in Turkse militaire fanfares symbolische waarde gekregen.
- chacha — De chacha is een West-Indische ratel.
- chande — De chande is een trommel die wordt gebruikt voor traditionele en klassieke muziek uit Zuid-India.
- chap — Chap zijn een paar bekkens die worden gebruikt bij muziek uit Thailand en Cambodja. Ze zijn groter, platter en dunner dan ching-bekkens.
- Tamtam — Een tamtam of chau gong is een grote gong gemaakt van koper of brons en is op de rand na volledig vlak.
- klokkenstaaf (Individual percussion plates.) — Hoewel de naam anders doet vermoeden, bestaat een klokkenstaaf niet uit klokken, maar uit gestemde metalen staven op resonatoren.
Het instrument lijkt op een glockenspiel.
Ook al lijken de namen op elkaar, het instrument moet niet worden verward met klokkenspel. - klokkenspel (Arrangement of hanging struck tuned metal rods.) — Een glockenspiel is een metallofoon die bestaat uit toetsen of staven die met een hamer worden beslagen.
Zie voor het instrument in klokkentorens carillon en voor het instrument dat in orkesten wordt gebruikt buisklokken. - ching — Ching zijn een paar kleine handbekkens die worden gebruikt voor muziek uit Thailand en Cambodja.
- klepper (egyptian ancient clappers) — Kleppers worden gemaakt van hout, been of metaal. Dit eeuwenoude instrument is een voorloper van veel aangeslagen idiofonen.
- clapstick (Ancient Aboriginal rhythm stick) — De clapstick wordt gebruikt door Australische Aboriginals om bij gezang in het ritme te blijven. Hij wordt traditioneel gebruikt als begeleiding van de didgeridoo. Er zijn ook boomerangclapsticks.
- claves
- concussie-idiofoon — Concussie-idiofonen bestaan meestal uit twee (bijna) identieke stokken, platen, schelpen of soortgelijke voorwerpen die tegen elkaar aan worden geslagen.
- conga’s
- cowbell (Tuned metal bell) — Metal bell used in various genres, it is often attached to drum kit
- Cristal Baschet
- crotales / cymbales antiques
- cuíca (Brazilian friction-drum) — Een cuíca is een Braziliaanse rommelpot die in carnavals- en sambamuziek wordt bespeeld. Het bestaat uit een houten of metalen trommel met een enkel membraan waarin een stokje is vastgemaakt waarmee het instrument wordt bespeeld.
- cilindrische trommel — Een cilindrische trommel is een trommel in de vorm van een cilinder en is meestal tweekoppig.
- bekken — Verschillende types bekken. Wordt ook chũm chọe genoemd.
- daf — Een daf is een grote Perzische lijsttrommel en wordt gebruikt voor zowel populaire als klassieke muziek. De lijst wordt meestal van hardhout gemaakt en bevat vele metalen ringetjes. Het vel is meestal van geitenhuid.
- daire — De daire is een grotere versie van de tef die wordt gebruikt om ritmische structuren (usul) aan te geven in makam-muziek.
- daluo — Een daluo is een grote platte gong uit China waarvan toonhoogte daalt als het wordt geslagen met een gestoffeerde hamer.
- darboeka — Een darbuka is een vaastrommel die vooral in de Balkan, in het Midden-Oosten en in Oost-Europa gebruikt wordt.
- davul / tupan — De davul is een Turkse trommel
- dhol — Dubbelkoppige trommel uit India.
- dhool — De dholak is een Zuid-Aziatische tweekoppige trommel.
- djembé
- dohol — Een dohol is een grote cilindrische trommel uit Iran en Afghanistan.
- doyra
- drumstel (Set of drums in modern music) — Het drumstel werd vanaf de jaren 1930 ontwikkeld als een vaste verzameling trommels. Het instrument bestaat uit een kleine en grote trom (snare en bass drum), tom-toms, hi-hats en bekkens.
- dugdugi (indian clay kettle drum) — De dugdugi is een keteltrom van klei met twee vellen van geitenhuid. Hij wordt gebruikt voor de ritmische begeleiding van shehnai-spelers.
- dulcitone (Acoustic keyboard tuning fork idiophone) — De dulcitone lijkt op een piano, maar bij dit instrument worden stemvorken door vilten hamertjes aangeslagen.
- doundoun — Doundoun (ook wel doun, dundun, doudoun of djundjun genoemd) is een familie van West-Afrikaanse cilindrische trommels.
- elektronisch drumstel
- vingerbekkens
- knippen met de vinger
- voetpercussie — Met voeten uitgevoerde percussie, zoals klompendansen.
- lijsttrommel
- rommelpot / foekepot
- frictie-idiofoon — Frictie-idiofonen zijn idiofonen waarbij het geluid wordt veroorzaakt door over het instrument te wrijven.
- frottoir (Zydeco vest scraper) — Dispenses with the frame altogether, and is worn as a vest, it is played with spoons or bottle openers.
- fundeh (Nyabinghi middle pitch drum) — Een fundeh is een middelgrote trom met een slap membraan van geitenhuid en wordt met de handpalmen bespeeld.
- gambang (Indonesian wood box-resonated xylophone) — De gambang bestaat uit maximaal 21 hardhouten toetsen die met pinnen en touw boven een vaak rijk versierde houten kast worden opgehangen. Het instrument wordt bespeeld met twee flexibele hamers van buffelhoorn.
- gankogui — De gankogui bestaat uit een dubbele ijzeren bel.
- ganzá (Brazilian samba shaker) — Used in various performances (capoeira angola, caboclo, etc) and samba music, it is usually made of metal and filled with grains, pebbles or the like.
- garifunatrommel — De garifunatrommels zijn een belangrijk onderdeel van de Garifunacultuur. Het zijn twee verschillende trommels, de tenor primero en de bas segunda. Elke trommel is gemaakt van een uitgehold stuk hout en heeft een membraan van varken-, schapen of hertenhuid.
- gendèr baroeng (Middle pitch metallophone used in Javanese gamelan) — De gendèr baroeng heeft relatief dunne en brede metalen toetsen ten opzichte van andere leden van de gendèr-familie, en bevindt zich wat toonhoogte betreft in het midden. Hij wordt gebruikt voor complexe melodieën.
- gendèr paneroes (Higest pitch metallophone used in Javanese gamelan) — De gendèr paneroes heeft relatief dikke en smalle metalen toetsen ten opzichte van andere leden van de gendèr-familie, en is het hoogst gestemd. Hij wordt gebruikt voor eenvoudige ornamentele muzieklijnen.
- gendèr wajang (Ten key metallophone used in Bali wayang.) — De gendèr wajang is een gendèr die specifiek wordt bespeeld bij wajangspelen, waarbij over het algemeen twee paren gendèrs met verschillende toonhoogtes door twee spelers worden bespeeld. Elke speler speelt met twee hamers en moet ook toetsen dempen.
- ghatam (South Indian Carnatic percussion)
- glasharmonica (Glass bowls mounted on spindle) — Een glasharmonica is een instrument dat gemaakt is van een serie glazen kommen die op een as zijn bevestigd. Het instrument wordt met vochtige vingers bespeeld.
- glasharp (Musical Glasses) — De glasharp was al in de 14e eeuw in Perzië bekend. Het bestaat uit glazen containers, die worden gestemd door ze deels met water te vullen of door de grootte van de glazen te variëren. Het instrument wordt bespeeld door met vochtige vingers over de randen te wrijven.
- glockenspiel — Een glockenspiel is een populaire metallofoon die meestal bestaat uit metalen toetsen of staven op een houten resonator.
Zie voor het instrument in klokkentorens carillon en voor het instrument dat in orkesten wordt gebruikt buisklokken. - vaastrommel — Vaastrommels zijn trommels met één vel en een zandlopervormige kast.
- gong (Tuned metal discs)
- grote gongtrom — Een grote gongtrom is een grote enkele trom die op een gong lijkt.
- gongrek (Arrangement of kettle shaped gongs) — Een gongrek komt vooral in Zuidoost Azië voor. Het zijn rekken waarop meerdere gongs (vaak gongketels) zijn opgesteld. De gongs worden meestal met hamers bespeeld.
- gramorimba
- güira (Dominican metal scraper) — De güira is een metalen cilinder met veel kleine groeven en wordt bespeeld door er met een borstel of lange kam overheen te schrapen. Het instrument wordt gebruikt in merenguetípicomuziek.
- güiro (Latin American gourd scraper) — Een güiro is een schraper van kalebas of hout die in de Latijns-Amerikaanse muziek wordt gebruikt.
- handbel (Open hand-rung bell) — Een handbel is aan een kant open en heeft een hengsel om de bel tijdens het luiden mee vast te houden.
- klappen
- handpan (Tuned metal ufo) — De handpan werd ontwikkeld als de Hang. Het is gemaakt van twee gestemde bolle pannen die zo op elkaar zijn gelijmd dat het geheel eruitziet als een ufo.
- hi-hat — Een hi-hat (of hihat) is een typerend onderdeel van een drumstel en bestaat uit twee bekkens die op een standaard zijn gemonteerd.
- zandlopertrommel
- hue puruwai (Māori taonga pūoro shaking gourd) — Hue puruwai zijn shakers gemaakt van kalebas (hue), waarvan de zaden nog aanwezig zijn.
- hyoshigi (Japanese concussion idiophone) — De hyoshigi bestaat uit twee stukken hardhout die met een koord zijn verbonden. Hij wordt gebruikt bij het traditionele kabuki- en bunrakutheater.
- idiofoon — Een idiofoon is een muziekinstrument dat geluid produceert door in zijn geheel te vibreren zonder gebruik te maken van snaren of membranen.
- janggu — Een janggu of janggo is een tweevellige trommel in de vorm van een zandloper en wordt vaak gebruikt voor traditionele Koreaanse muziek.
- djègogan (Deepest pitch gangsa used in Balinese gamelan) — De djègogan is het grootste en laagst gestemde lid van de gangsa-familie. Het instrument bestaat uit vijf tot zeven grote metalen toetsen die boven lange resonatoren van bamboe zijn opgehangen.
- jing — De jing is een grote gong die wordt gebruikt voor traditionele Koreaanse muziek.
- djoeblag (Second deepest pitch gangsa used in Balinese gamelan) — De djoeblag is het een-na-laagst klinkende lid van de gangsafamilie en bestaat uit vier tot zeven bronzen toetsen die boven lange klankkasten van bamboe hangen.
Zie voor de Soendanese xylofoon die ook in gamelanensembles wordt gebruikt de tjaloeng. - junjung (Sacred royal Serer war drum) — Een junjung is een heilige cilindrische trommel met een geiten- of koeienvel. Traditioneel werd het instrument aan riemen gedragen of op een standaard geplaatst en horizontaal bespeeld op weg naar een veldslag, of bij speciale officiële of religieuze gelegenheden.
- kanjira (South Indian frame drum.)
- kantilan (High pitch gangsa used in Balinese gamelan) — De kantilan is het hoogst gestemde lid van de gangsafamilie. Het instrument bestaat uit tien messing of bronzen toeten die boven korte resonatoren van bamboe in een rijk versierde kast zijn opgehangen.
- kartal — De kartal of karthal is een Indiaas percussie-instrument met belletjes en wordt bespeeld met de hand. Het instrument wordt meestal gebruikt voor kirtans, bhajans en Rajastaanse volksmuziek.
- ketjer (Indonesian racked cymbals) — De ketjer bestaat uit twee paar kleine bekkens. De onderste helften liggen vast op een rijk versierde kast (rantjak), de bovenste zijn los en zitten met touw aan elkaar vast.
- kemanak (Banana shaped bronze slit-drum used in javanese gamelan) — De kemanak bestaat uit twee kromme bronzen spleettrommels die met taboeh-hamers worden bespeeld.
- kempli (Singular metal timekeeping gong-chime used in Balinese gamelan) — De kempli bestaat uit een bronzen gongketel op een versierde standaard van nangkahout. Het instrument wordt gebruikt om het tempo aan te duiden en wordt op de slagknobbel beslagen met een panngoel-hamer.
- kempoel (Javanese hanging gong-set) — De kempoel bestaat uit zes tot tien kleine gongs met een slagknobbel. De gongs worden met een taboeh-hamer beslagen. De gongs klinken hoger dan de gong ageng en worden vaak bij elkaar opgehangen.
- kempyang (Small boxed double gong-chime used in Javanese gamelan) — De kempyang wordt altijd samen met de ketoek bespeeld. De kempyang bestaat uit een bronze gongketel die hoger is gestemd dan de ketoek. Beide gongketels liggen in hetzelfde uitbundig versierde rantjak-onderstel en worden door dezelfde speler met taboeh-hamers beslagen.
- kendang (Family of two sided laced drums used in various gamelan) — Kendang is een familie tweekoppige trommels uit Zuidoost-Azië. De klankkast is gemaakt van houtsoorten zoals nangka of kokosnoot en de membranen van buffel- of geitenhuid.
Er zijn twee hoofdgroepen:- De drie of vier Javaanse/Soendanese varianten met gebogen klankkast en twee vellen van een verschillend formaat.
- De twee Balinese varianten hebben een rechte klankkast en twee vellen van dezelfde grootte.
- kendang lanang (High pitched cylindrical kendang used in Bali gamelan.) — Van de twee Balinese kendangs is de langang het kleinste en hoogst klinkende instrument. Het instrument is de volgende en ‘mannelijke’ trommel.
- kendang wadon (Low pitched cylindrical kendang used in Bali gamelan.) — Van de twee Balinese kendangs is de wadon het grootste en lager klinkende instrument. Het is de leidende en ‘vrouwelijke’ trommel.
- kendang batangan (Middle conical kendang used in both Javanese/Sundanese gamelan) — De kendang batangan is een middelgrote kendang die wordt gebruikt voor het spelen van levendige en complexe ritmes.
In Soenda heet het instrument kendang ciblon. - kendang gending (Largest conical kendang used in both Javanese/Sundanese gamelan) — De kendang gending is de grootste kendang, maar kleiner dan de bedoeg.
In Soenda heet het instrument kendang gedé. - kendang indoeng (King-Size truncated cone kendang used in Sundanese gamelan) — De kendang indoeng wordt samen met de kendang koelanter bespeeld. Het instrument maakt deel uit van het Soendanese gamelanensemble.
- kendang ketipoeng (Smallest conical kendang used in both Javanese/Sundanese gamelan) — De kendang ketipoeng is de kleinste kendang. Het instrument wordt vaak samen met de gending bespeeld.
In Soenda heet het instrument kendang katipoeng. - kendang koelanter (Paired truncated cone kendang used in Sundanese gamelan) — De kendar koelanter wordt altijd samen met de kendar indoeng bespeeld. Het instrument maakt deel uit van het Soendanese gemelanensemble.
- kendang wajang (Middle conical kendang used in javanese gamelan) — De kendang wajang is een middelgrote kendang die traditioneel bij wajangvoorstellingen wordt gebruikt.
- kenong (Large high-pitch gong-chime used in Indonesian Gamelan) — De kenong is verwant aan de bonang en bestaat uit drie versierde rantjak-onderstellen met elk twee grote gebogen gongs van brons. De gongs worden met zware taboeh-hamers bespeeld.
- kepyak (Metal plate percussion used in Javanese gamelan) — De kepyak bestaat uit een tot vier ijzeren (en soms bronzen) plaatjes die aan koorden hangen. Het instrument wordt vaak bij wajangvoorstellingen gebruikt, waarbij de poppenspeler de plaatjes aanslaat met een hamertje dat hij tussen zijn tenen houdt.
- ketoek (Small boxed gong-chime used in Javanese gamelan) — De ketoek wordt altijd samen met de kempyang bespeeld. De ketoek bestaat uit een bronzen gongketel die lager is gestemd dan de kempyang. Beide gongketels liggen in hetzelfde uitbundig versierde rantjak-onderstel en worden door dezelfde speler met taboeh-hamers beslagen.
- keteltrom
- khong wong — Een khong wong bestaat uit een aantal gongs op een onderstel van rotan die in een cirkel zijn opgesteld. De muzikant zit in het midden.
- khong wong lek — Een khong wong lek is een cirkel van gongs die wordt gebruikt voor klassieke Thaise muziek. Hij bestaat uit achttien gongs met knobbels en heeft een hogere klank dan de khong wong yai.
- khong wong yai — Een khong wong yai is een cirkel van gongs die wordt gebruikt voor klassieke Thaise muziek. Hij bestaat uit zestien gongs met knobbels en heeft een lagere klank dan de khong wong lek.
- khulsan khuur (bamboo mongolian jew's harp) — De khulsan khuur is een Mongoolse mondharp van bamboe.
- kkwaenggwari — De kkwaenggwari (ook gespeld als ggwaenggwari) is een kleine platte messing gong, normaal gesproken met een diameter van 20 cm, die vooral wordt gebruikt voor traditionele Koreaanse muziek.
- klong khaek — Een klong khaek is een vattrommel uit Thailand met twee vellen van een verschillend formaat.
- klong song na — Een klong song na is een vattrommel uit Thailand. Hij wordt bespeeld met de handen en maakt deel uit van het piphatensemble.
- klong that — Klong that zijn grote vattrommels uit Thailand. Ze worden bespeeld met een stel houten stokken en maken deel uit van het piphatensemble.
- klong yao — Een klong yao is een vaastrommel uit Thailand en wordt vaak versierd met een kleurrijke rok.
- kös — Een Turkse trommel die wordt gebruikt bij traditionele Ottomaanse militaire muziek.
- kotsuzumi — De kotsuzumi of tsuzumi is een zandlopervormige Japanse trommel met koorden die kunnen worden gespannen of losser worden gemaakt om de spanning op de vellen te veranderen.
- krakebs — Krakebs zijn grote metalen castagnettenachtige instrumenten die vooral gebruikt worden voor de ritmische component van de Gnawamuziek.
- krap khū (Thai bamboo concussion sticks) — De krap khū wordt gebruikt in de volksmuziek en bestaat een in de lengterichting doorgesneden stuk bamboe van veertig cm. Deze delen worden tegen elkaar aangeslagen.
- krap phuang (Thai wood/brass clappers) — De krap phuang wordt tijdens koninklijke ceremonies bespeeld door het tegen de palm aan te slaan. Hij is gemaakt van meerdere stukken hout, ivoor en koperen vellen die zijn ingeklemd tussen twee grotere stukken hout die aan een uiteinde zijn samengebonden.
- krap sēphā (Thai bevelled wood rhythm-sticks) — De krap sēphā wordt bespeeld tijdens sēphāgezang. Het instrument bestaat uit een paar stokken van rozenhout met een lengte van ongeveer 21 cm en een dikte van 3 tot 4 cm.
- kudüm — Kudüm zijn een paar kleine Turkse trommels in de vorm van een halve bol.
- lamellofoon — Lamellofonen zijn muziekinstrumenten met één of meer lange dunne plaatjes (lamellen of tongen) die aan één kant vast zitten en waarvan de andere kant vrij kan bewegen. Door deze plaatjes aan te slaan, gaan ze vibreren, waardoor geluid ontstaat.
- lithofoon (Arrangement of struck tuned stone bars.)
- madal — Een madal is een uit Nepal afkomstige handtrommel.
- maddale — De maddale is een tweevellige trommel uit Karnata, India. Samen met de chande zorgt de maddale voor ritmische begeleiding in Yakshagana.
- maracas
- marimba
- marímbula — Een marímbula is een getokkeld muziekinstrument uit de Caraïben.
- Mark-tree (Mark Stevens' bar chime) — Een Mark-tree bestaat uit metalen (vaak aluminium) inharmonische staven die aan een balkje hangen.
- duimpiano — Een duimpiano (andere namen zijn mbira, kalimba en vele anderen) is een Afrikaanse lamellofoon van kleine metalen tongetjes die met de duim worden getokkeld.
- membranofoon — Membranofonen zijn instrumenten met membranen, vaak trommels.
- kuttepiel (Traditional English percussion stick) — Een kuttepiel is een zelfgemaakt instrument dat bestaat uit een houten stok waaraan kroonkurken als een soort belletjes zijn bevestigd. Soms is aan de onderkant een laars of schoen vastgemaakt voor percussie.
- morsing (Indian mouth harp) — De morsing is een Indiase mondharp, en wordt bespeeld in Carnatische en Rajastaanse muziek.
- mondharp (Family of mouth plucked idiophones) — De mondharp is een instrument met een frame dat tegen of in de mond wordt gehouden terwijl er op een metalen of bamboeriet wordt getokkeld. Er zijn over de hele wereld vele varianten bekend.
- mridangam — Een mridangam is een tweekoppige trommel uit India.
- mukkuri (Ainu mouth harp) — Ingenious to the Ainu, it is made of bamboo with a string that vibrated creates sound.
- speeldoos
- nagadou-daiko — De nagadou-daiko is een verlengde tonvormige Japanse trommel.
- naobo — De naobo zijn Chinese bekkens die veel worden gebruikt in Jing-opera’s.
- oceaantrommel
- octoban (racked 4 or 8 tom-toms) — Octobans zijn dunne, lange tom-toms. Ze worden vaak in groepen van vier of acht opgesteld en aan een drumstel toegevoegd. Oorspronkelijk werden ze gemaakt van glasvezelversterkte kunststof, maar tegenwoordig ook van acryl, aluminium of hout, en door hobbyisten van pvc.
- ōtsuzumi — De ōtsuzumi is een zandlopervormige Japanse trommel, groter dan de kotsuzumi.
- pahuu (Māori taonga pūoro large signalling drum) — De pahuu bestaat uit boomstammen of dikke planken met een lengte tot negen meter. Het instrument wordt gebruikt om signalen door te geven, zowel in oorlogstijd als in tijden van vrede. Soms worden ook holle levende bomen als pahuu gebruikt.
- pahuu pounamu (Māori taonga pūoro gong made of jade and bone) — De pahuu pounamu is een gong van pounamu, een groene steensoort. De klopper is gemaakt van akeake, een soort hardhout.
- paiban (Ancient Chinese clapper) — De paiban bestaat uit drie blokken sandelhout of bamboe, waarvan er twee met een koord aan elkaar zijn gebonden en een derde met een lint. Het is de helft van de combinatie guban, maar de klepper zelf wordt soms ook guban genoemd.
- pakhavaj (Dhrupad wooden two-headed barrel-drum) — De pakhavaj wordt gebruikt bij Hindoestaanse dhrupadmuziek. De vattrommel heeft twee vellen en is op dezelfde manier gestemd als de tabla die ervan is afgeleid.
- paakuru (Māori taonga pūoro tapping sticks) — De paakuru bestaat uit twee staven, waarvan er een in de mond wordt gehouden als klankkast tijdens het zingen, terwijl de andere staaf wordt gebruikt om met tikken en schrapen ritme te creëren.
- paatee — Een paatee is een Polynesische spleettrommel die is gemaakt van een uitgeholde boomstam.
- pemadé (Lower pitch gangsa used in Balinese gamelan) — De pemadé is een gangsa die lager is gestemd dan de kantilan. Het instrument bestaat uit tien messing of bronzen toetsen die boven korte resonatoren van bamboe in een rijk versierde kast zijn opgehangen.
- percussie — Very wide grouping, played by hitting directly aka idiophones and membranophones (from drums to xylophones). Use the closest approximate instrument possible for credits, use percussion with a credit if no better can be found and create an instrument ticket if necessary.
- percussie-idiofoon — Percussie-idiofonen zijn idiofonen die met verschillende soorten hamers worden aangeslagen of zelf ergens tegenaan worden geslagen.
- phách — Phách zijn houten stokjes die op een klein stuk bamboe of een houten blok worden geslagen. Het geproduceerde geluid wordt gemaakt om de maat te houden.
- pkhachich — Een pkhachich is een traditioneel percussie-instrument dat wordt gebruikt door de Circassiërs en Adygeërs uit het noorden van de Kaukasus.
- getokkelde idiofoon — Getokkelde idiofonen hebben pinnen, nagels of flexibele tongen (lamellen) die op verschillende manieren worden getokkeld om geluid te maken.
- poi (Māori taonga pūoro flax leaf balls used in dancing) — Poi zijn ballen gemaakt van vlasbladeren en zijn gevuld met zaden. Ze worden rondgezwaaid om ritmische en visuele patronen te maken. Poi maken een belangrijk deel uit van de gelijknamige dans.
- primero (Tenor garifuna drum) — De primera is de tenortrommel van de garifunatrommels.
- qilaut — De qilaut is een lijsttrommel met een handvat van de Inuit. Hij wordt gemaakt van de huid van een kariboe.
- quijada (Jawbone rattle) — Een quijada is een ratel, gemaakt van de onderkaak van een paard, dat wordt gebruikt in traditionele Latijns-Amerikaanse muziek.
- quinto
- regenstok
- rammana — Een rammana is een lijsttrommel die wordt gebruikt bij bij traditionele Thaise en Cambodjaanse muziek. Hij is de helft van de combinatie thon en rammana.
- ranat ek — De ranat ek is een Thaise xylofoon bestaande uit 21 houten planken die met koorden boven een bootvormige klankkast zijn gespannen. Hij wordt bespeeld met twee hamers.
- ranat kaeo — Een ranat kaeo is een Thais instrument dat vergelijkbaar is met de xylofoon. Hij bestaat uit glazen staven van verschillende lengte.
- ranat thum — De ranat thum is een Thaise xylofoon bestaande uit achttien houten planken die met koorden boven een bootvormige klankkast zijn gespannen. Hij lijkt op de ranat ek maar is lager gestemd en wordt vaak bespeeld in combinatie met dit instrument.
- ratel
- reco-reco (Brazilian metal scraper) — Een reco-reco is een idiofoon, oorspronkelijk van bamboe of hout, maar tegenwoordig vaak gemaakt van metaal met veren. Het wordt gebruikt in Braziliaanse muziek.
- keteh (Nyabinghi smaller pitch drum) — Een keteh, ook bekend als kette of repeater is de kleinste trommel van het akete-trio. Het heeft een strak membraan van geitenhuid en wordt met de vingertoppen bespeeld.
- repinique — Een repinique is een cilindrische trommel uit Brazilië.
- réjong (Gong-chime used in Balinese gamelan) — De réjong bestaat uit vier tot twaalf kleine metalen gongs die aan koorden in een rek hangen en door twee tot vier mensen worden bespeeld.
- Rhodes-piano (Electric keyboard tuning fork idiophone)
- ritmestokken
- riq — Een riq, ook wel als riqq of rik gespeld, is een soort tamboerijn die traditioneel wordt gebruikt voor Arabische muziek.
- rooria (Māori taonga pūoro mouth harp) — De rooria is een dunne mondharp, gemaakt van hout of bot.
- rototom — Een rototom is een trommel zonder ketel. Hij kan worden gestemd door de spanring te draaien.
- sabar — Een sabar is een Senegalese trommel die meestal met één hand en één stok wordt bespeeld. Hij heeft de vorm van een lange cilinder met taps toelopende uiteinden. Het vel wordt gemaakt van geitenhuid en wordt met pinnen aan de kast vastgemaakt.
- saron baroeng (Middle pitch saron-family member used in Sundanese gamelan.) — De saron baroeng, vaak simpelweg saron genoemd, is het middelste lid van de huidige saron-familie en wordt gebruikt voor baloengan, de basismelodie.
- saron demoeng (Penultimate pitch saron-family member used in Sundanese gamelan.) — De saron demoeng, vaak simpelweg demoeng genoemd, is het grootste en laagst gestemde lid van de huidige saron-familie.
- saron-familie (Family of Sundanese metallophones) — Saron is een familie instrumenten die deel uitmaakt van de Soendanese gamelan. Een saron bestaat uit een versierde houten kast (rantjak) met daarop zes tot negen dikke en gladde bronzen of ijzeren toetsen die met hamers van hardhout of buffelhoorn worden beslagen.
Van hoog naar laag bestaat de familie uit de saron paneroes / saron peking, saron baroeng, saron demoeng en slento. De slento is grotendeels in onbruik geraakt ten faveure van de slentem. De saron peking is een variant op de saron paneroes en is nog hoger gestemd dan de paneroes. Ten slotte bestaat er ook een saron wajang die bij wajangvoorstellingen wordt bespeeld. - saron paneroes (Highest pitch saron-family member used in Sundanese gamelan.) — De saron paneroes, ook gewoon ‘paneroes’ genoemd, is een saron met zeven bronzen toetsen op een rantjak-onderstel. De toetsen worden met een taboeh-hamer met een kop van buffelhoorn beslagen.
- saron peking (Highest pitch saron-family member.) — De saron peking lijkt sterk op de saron paneroes, maar heeft een ander bereik. Het instrument heeft zes bronzen toetsen die voor het sléndro-toongeslacht zijn gestemd.
- saron wajang (Special saron used for Wayang puppetry) — De saron wajang bestaat uit negen grote bronzen toetsen in een versierd onderstel. Hij wordt bespeeld bij Javaanse wajangvoorstellingen.
- geraspte idiofoon
- segunda (Bass garifuna drum) — De segunda is de bastrommel van de garifunatrommels.
- sênh tiền — De sênh tiền is een Vietnamees instrument bestaande uit een combinatie van klappers, een rasp en een belletje. Hij wordt gemaakt van drie stukken hout en oude Chinese munten.
- geschudde idiofoon — Geschudde idiofoon of ratel. Het geluid wordt geproduceerd door vele, meestal kleine deeltjes in of aan het instrument die tegen elkaar aan tikken.
- shakers (Latin-American tube rattle) — Een buis van metaal of bamboe, gevuld met zaden, steentjes of zand. Deze instrumenten worden vooral in Latijns-Amerika gebruikt en worden meestal ritmisch geschud om geluid te produceren.
- shekere (Large West African gourd-shaker) — Een shekere is een West-Afrikaanse shaker, bestaande uit een kalebas, bedekt met een net van kraaltjes.
- shime-daiko — De shime-daiko is een kleine Japanse trommel met een kort maar breed lichaam en heeft een hogere toonhoogte dan een normale Taiko.
- klankschaal
- sistrum (Ancient Egyptian rattle) — Het sistrum werd gebruikt in godsdienstige rituelen. Het is een ratel van metaal of klei met metalen schijven die rinkelen als het instrument wordt geschud.
Niet te verwarren met de West-Afrikaanse kalebassistrum of schijfjesratel (n’goso-m’bara). - slentem (Deepest pitch single octave metallophone used in Javanese gamelan) — De slentem bestaat uit zes sléndro- en zeven pélogtoetsen van brons. Elke toets hangt boven een eigen resonator van metaal of bamboe. Het instrument maakt deel uit van het Javaanse gamelanensemble.
- slento (Obsolete deepest saron-family member used in Sundanese gamelan.) — De slento is een in onbruik geraakt lid van de saron-familie en in tegenstelling tot de andere sarons heeft het geen gladde, maar afgeschuinde en gebobbelde toetsen. In moderne gamelan-ensembles is het instrument meestal vervangen door de slentem.
- spleettrommel (Hollow wooden idiophone) — Een spleettrommel is een trommel gemaakt van uitgehold hout of bamboe met sleuven die als klankgaten dienen. Spleettrommels behoren tot de oudste instrumenten.
- kleine trom
- song loan — De song loan is een traditioneel Vietnamees instrument bestaande uit een holle houten kast met een diameter van ongeveer zeven centimeter, die is verbonden met een flexibele veer met een houten bal aan het uiteinde. Hij wordt bespeeld door de bal met de voet tegen de kast aan te slaan.
- lepels
- steeldrum / steelpan
- aangeslagen idiofoon — Aangeslagen idiofonen zijn instrumenten die geluid maken door in zijn geheel te trillen als ze worden aangeslagen, dus zonder gebruik te maken van snaren of membranen. Om deze reden zijn ze meestal gemaakt van klankrijke materialen zoals metaal, hout, glas of zelfs steen.
- surdo — Een surdo is een grote bastrommel die wordt gebruikt voor Braziliaanse muziek.
- t’rưng — De t’rưng (t’rung) is een xylofoon van bamboe uit de centrale hooglanden van Vietnam en wordt bespeeld door etnische groepen zoals de Bahnar en de Ê Đê.
- tabla — Tabla is een stel handtrommels dat wordt gebruikt voor klassieke Hindoestaanse muziek en traditionele muziek uit India, Pakistan, Afghanistan, Nepal, Bangladesh en Sri Lanka.
- tabor (one-handed sidedrum) — Een tabor is een trommel met een of twee snaren die met één hand wordt bespeeld, vaak in combinatie met een eenhandsfluit.
- taiko — De taiko is een traditionele Japanse trommel die wordt beslagen met bachi-stokken.
- tama
- tamborim — Een tamborim is een kleine lijsttrommel uit Brazilië.
- tamboerijn
- tanbou ka — De tanbou ka of tambu ka is een kleine trommel met een hoog geluid.
- tapdans — Tapdansen is een vorm van dans waarbij ritmische klanken worden gemaakt door tikken op de grond met metalen plaatjes aan de schoenzolen. De danser doet daarmee aan een vorm van percussie.
- taphon — Een taphon is een traditionele vattrommel uit Thailand.
- tar (drum) — Een tar is een lijsttrommel met één vel uit Noord-Afrika en het Midden-Oosten.
- tef — De tef is een Turkse versie van de tamboerijn/daf, gemaakt van dierenhuid en met de vingers bespeeld.
- tempelblok
- tumur khuur (steel mongolian jew's harp) — De tumur khuur is een Mongoolse mondharp van metaal.
- thavil
- The Great Stalacpipe Organ (electrically actuated lithophone) — The Great Stalacpipe Organ is een orgel in de Luray Caverns in Virginia in de VS. Het bestaat uit een elektrisch klaviatuur dat is verbonden met hamers die 37 stalactieten aanslaan om geluid te maken. Dit is een specifiek instrument en geen type instrument.
- thon — De thon is een vaastrommel met een kast van keramiek of hout en wordt gebruikt voor traditionele Thaise en Cambodjaanse muziek. Hij is de helft van de combinatie thon en rammana.
- ti bwa — De ti bwa is een percussie-instrument gemaakt van een horizontaal stuk bamboe waarop wordt met stokken geslagen.
- Tibetaanse watertrommel
- timbales
- pauk — Een pauk is een keteltrom van kunststof of koper. Het is de meest gebruikte trommel in het symfonieorkest.
- tinya — Een tinya is een kleine trommel die wordt gebruikt voor traditionele muziek uit de Andes.
- tookere (Māori taonga pūoro castanets) — Tookere zijn castagnetten van hout, bot, tweekleppige schelpen of zelfs vlasbladeren.
- tom-tom — Een tom-tom (of gewoon tom) is een cilindrische trommel zonder snaar. Standaardonderdeel van een drumstel.
- triangle (Tuned metal shape) — Tuned metal bar, bent into triangle shape.
- trống bông — De trống bông, ook bekend als bongtrommel, is een houten Vietnamese trommel met een enkel vel en wordt met beide handen bespeeld.
- buisklokken (Orchestral chimes) — Buisklokken is een grotere versie van het klokkenspel, bedoeld voor gebruik in orkesten. Het instrument bestaat uit holle metalen buizen met een gesloten bovenkant in een standaard. De standaard beschikt over dempers die met pedalen worden aangestuurd. De buizen worden met hamers beslagen.
- tubulum (PVC pipe instrument) — De tubulum werd uitgevonden (of in ieder geval gepopulariseerd) door de Blue Man Group. Het is gemaakt van pvc-buizen van verschillende lengtes en wordt met stokken of latjes aangeslagen. Ook populair onder straatmuzikanten.
- tumutumu (Māori taonga pūoro ancient struck idiophone) — Een tumutumu wordt gemaakt van resonerend steen, hout of bot en wordt bespeeld met een klopper van steen, bot of hardhout. Het instrument wordt gebruikt voor ritmische begeleiding tijdens het zingen.
- txalaparta (Traditional Basque idiophone) — De txalaparta bestaat traditioneel uit twee lange houten planken waaraan schutbladen van mais zijn bevestigd om een trilling te verzorgen. De planken worden beslagen met lange dikke stokken, makilak genoemd. Tegenwoordig zijn de planken vaak korter en kunnen ze ook van andere materialen zijn gemaakt. Ook zijn de makilak tegenwoordig korter en lichter.
- typemachine — Typemachines worden niet alleen gebruikt om mee te schrijven, maar ook voor percussie.
- udu (Nigerian clay jug idiophone) — Played ceremonially by Igbo people, it is a clay jug beaten with hands to create sounds.
- ugal (Deep pitch gangsa used in Balinese gamelan) — Een ugal is een bronzen metallofoon die bestaat uit tien toetsen die boven gestemde resonatoren van bamboe zijn opgehangen. De bespeler slaat, vaak op een theatrale manier, met een kleine hamer op de toetsen. In de Indonesische gamelan is de ugal de leider van de pokok-melodie.
- vibrafoon
- vibraslap
- washboard (American scraped idiophone) — Typical metal ribbed tool used for washing, still in it's wooden frame, often has is additional noisemakers attached, such as cowbell or woodblock. It is played with thimbles as plectrum.
- waterphone
- whipslap (Hinged percussion) — Een zweep bestaat uit twee delen die met een scharnier aan elkaar zijn bevestigd. Als de delen tegen elkaar aan worden geklapt, klinkt een zweep-achtig geluid.
- windgong (Wind played chimes) — Het verschil tussen een windgong en andere klokkenspelen is dat er een of meer slingers aan zijn toegevoegd. De klanken worden geproduceerd door staven, bellen of andere vormen van metaal, hout, glas of keramiek.
Windgongs worden vaak gezien als een geluksamulet. - houtblok
- houten vis (wooden bell used in temples) — Een houten vis is een gestileerde houten bel die bij religieuze ceremonies wordt gebruikt. Het prototype van dit instrument, het visbord (gyoban) heeft duidelijker de vorm van een vis.
- Wurlitzer elektrische piano — Een Wurlitzer elektrische piano is een elektrische piano waarbij platte metalen tongetjes met vilten hamers worden aangeslagen.
- xiaoluo — De xiaoluo is een kleine platte gong uit China. De toonhoogte stijgt als hij wordt geslagen met de zijkant van een platte houden stok.
- xylofoon (Arrangement of struck tuned wooden bars.)
- xylorimba (Extended range xylophone) — De xylorimba is een xylofoon met vijf octaven.
- yonggo (Korean traditional dragon-painted barrel drum) — Een yonggo is een vattrommel met die met draken is beschilderd en wordt gebruikt in traditionele Koreaanse daechwita-muziek.
- yu (wooden tiger scraped with bamboo whisk) — Een yu is een houten tijger met een rij tanden op de rug. Het geluid wordt geproduceerd door over de tanden te schrapen. Het instrument werd bespeeld in een ensemble met de zhu.
- zabumba — Een zabumba is een grote trom uit Brazilië.
- żafżafa — De żafżafa of rabbaba is een Maltese rommelpot bestaande uit een een met dierenhuid bespannen pot (van tin, keramiek of hout) waarin een lang riet is bevestigd.
- zarb — Een zarb is een vaastrommel uit Perzië.
- zill (Eastern Mediterranean finger cymbals) — Zill zijn kleine bronzen vingerbekkens die worden gebruikt bij dansen en andere uitvoeringen. Ze lijken erg op de belletjes in de lijsten van sommige lijstrommels. De instrumenten zijn als sinds de oudheid in Zuidoost-Europa en Turkije bekend.
Elektronisch instrument
- analoge synthesizer (uses analogue circuits to produce sound) — Een analoge synthesizer gebruikt analoge circuits en technieken om elektronisch geluid te maken.
- baspedalen
- bassynthesizer — Een bassynthesizer wordt gebruikt om geluiden in het basbereik te creëren.
- chamberlin (electromechanical piano)
- clavioline (electronic keyboard, forerunner to analogue synthesizers) — Een clavioline is een vroege analoge synthesizer, met een vacuümbuisoscillator en een hoog/laagdoorlaatfilter om vibrato te creëren.
- Haken continuum
- Denis d’or
- diskdrive — Het gebruik van schijfstations van computers om muziek te maken.
- drum machine (drum programming)
- Stylofoon
- e-bow
- elektronische instrumenten
- elektronisch orgel
- elektronium (electronic keyboard accordion) — Het elektronium is een klavieraccordeon met knoppen voor de ‘klankkleur’ in plaats van registerknoppen. Aan de linkerkant zitten een ‘octaafhendel’ en drie extra knoppen waar klankkleuren op kunnen worden geprogrammeerd, zodat ze tijdens het spelen makkelijk te gebruiken zijn.
- EWI — EWI is een afkorting voor Electric Wind Instrument en is de naam van Akai’s blaas-synthesizer.
- farfisaorgel
- Floppydrive — Floppydrives die door middel van software geluiden produceren tijdens het lezen.
- geluidschip van een spelcomputer (sound chip from gaming consoles) — De geluidschip van een spelcomputer of ander soort computer, gebruikt als instrument, zoals bij chiptunemuziek.
- gitaarsynthesizer — Een gitaarsynthesizer is een systeem waarmee een gitarist het geluid van een synthesizer kan maken.
- guitaret (electric lamellophone) — De guitaret is een kleine witte duimpiano met metalen tongetjes en een elektromagnetische opnemer.
- gitorgel (el guitar / el organ hybrid) — Het gitorgel is een elektrische gitaar met onderdelen van een elektrisch orgel.
- Hammondorgel
- harde schijf — Een harde schijf die is ingesteld om in een patroon geluiden te maken.
- keyboard (electronic or digital keyboard)
- baskeyboard
- keytar (Shoulder-strapped electric keyboard) — Een keytar is een elektrisch keyboard dat met een schouderband, net als een gitaar, draagbaar is gemaakt.
- laserharp — Een laserharp is een elektronisch muziekinstrument bestaande uit verschillende laserstralen die geblokkeerd kunnen worden om verschillende geluiden te produceren.
- Lyricon — De lyricon is een elektronisch blaasinstrument.
- marimba lumina — Een Marimba Lumina is een MIDI-controller met een bedieningsoppervlak dat is geïnspireerd op de marimba.
- mellotron (An electromechanical piano)
- Minimoog
- Moog synthesizer
- omnichord
- ondes-Martenot
- ondioline (early analogue synth with various sounds and "vibrato" keyboard) — Een van de eerste analoge synthesizers, met een filterbank met vijftien schuifregelaars om geluid te produceren, en het toetsenbord waarmee een vibrato kon worden opgewekt.
- Otamatone (Toy synthesizer) — Een Otamatone is een elektronische synthesizer in de vorm van een achtste noot. Met één hand wordt de hals bespeeld terwijl de andere hand wordt gebruikt om in het bolvormige uiteinde te knijpen, waardoor een haperend geluid ontstaat.
- Pianet (an electromechanical piano) — Een elektromagnetische piano (niet te verwarren met een elektrische piano) die in de jaren 1960 en 1970 door Hohner werd ontwikkeld en geproduceerd.
- Reactable — De Reactable is een elektronisch muziekinstrument bestaande uit een ronde doorzichtige tafel waar blokken op worden geplaatst.
- sampler
- snaarsynthesizer (60-80's electronic string-ensemble emulator) — De snaarsynthesizer werd vanaf de jaren 1960 ontwikkeld als goedkoper en draagbaarder alternatief voor de mellotron, en werd vooral in de jaren 1970 en 1980 gebruikt. Later werd de techniek gecombineerd met elektrische orgels om polyfonische synthesizers te ontwikkelen.
- synclavier
- synthesizer
- telharmonium (gigantic electronic organ transmitted through telephone wires.) — Het telharmonium wordt als het eerste elektromechanische muziekinstrument beschouwd. Het is een vroeg elektronisch orgel.
- theremin
- trautonium (monophonic electric instrument from 1930's) — Een trautonium is een elektrisch instrument uit de jaren 1930, met een weerstandsdraad en een bewegende metalen plaat.
- tubon (analogue electronic monophonic Organ) — Een tubon is een soort elektronisch orgel dat als een gitaar om de nek kan worden gehangen (net zoals later de keytar).
- vocoder
- spraaksynthesiser
- wavedrum
- blaassynthesizer (synthesizer played like a wind instrument) — De blaassynthesizer is een blaasinstrument dat in verbinding staat met een MIDI-controller.
Overig instrument
- bas — Bas is een veel voorkomende maar algemene naam die verwijst naar meerdere instrumenten, vooral de basgitaar en de contrabas. Gebruik het correcte instrument als je weet welke wordt bedoeld.
- snorrebot
- effecten — Effecten staat voor apparaten die door een artiest worden gebruikt om het geluid van een instrument te bewerken.
- elektrische piano
- gizmo (Elguitar/bass effect device) — Een effectapparaat dat op de brug van een gitaar wordt bevestigd en synthesizerachtige geluiden produceert.
- hydraulofoon ("woodwater" flute made with hydraulics) — Een hydraulofoon is gemaakt van een buis met gaten met daarin geen, enkel of dubbel riet. Door de gaten stroomt water naar buiten, en het geluid wordt gemanipuleerd door gaten met de vinger af te sluiten, waardoor de stroming wordt beïnvloed.
- kazoo
- lasso d’amore — Een lasso d’amore is een geribbelde plastic buis die wordt rondgezwaaid om geluid te maken.
- zingende zaag (Bowed metal plaque idiophone) — Een normale zaag of een zaag die speciaal voor muziek is bedoeld. De zaag wordt gebogen vastgehouden en met een strijkstok bespeeld om de kenmerkende glissando te creëren.
- overige instrumenten — Overige instrumenten. Als je een instrument niet kan vinden, kan je het aanvragen.
- puurerehua (Māori taonga pūoro bullroarer) — De puurerehua wordt gemaakt van hout, bot of steen en zit vast aan een lang koord. Als het instrument aan het koord wordt rondgeslingerd, maakt het een diep en luid zoevend geluid dat tot op grote afstand kan worden gehoord.
- suikinkutsu — Een suikinkutsu is een soort Japans tuinmeubel dat met druppelend water muziek maakt. Hoewel het ook bekend staat als een Japanse waterciter, is het genoemd naar het geluid dat de koto (een Japanse citer) maakt en is het geen snaarinstrument.
- talkbox — Een talkbox of jappiotube is een apparaat waarmee geluidseffecten kunnen worden opgewekt, door het geluid van een instrument via een slang in de mond van de speler te brengen.
- magneetband
- draaitafel — Draaitafels worden gebruikt bij turntablism. Platen worden niet simpelweg afgespeeld, maar door dj’s gebruikt om nieuw geluid te creëren.
- stofzuiger
- zummara (Maltese mirliton) — De żummara is een mirliton van bamboe waarvan één uiteinde is bedekt met vetvrij papier.
Het instrument moet niet worden verward met de Egyptische/Irakese zummara, een instrument dat lijkt op een chalumeau.
Ensemble
- chirimía en trommel (pair of double-reed and drum. from South America.) — Een combinatie van chirimía en trommel die door één speler wordt bespeeld.
- gamelan (Indonesian traditional ensemble) — Er bestaan eigenlijk drie gamelantradities: de Balinese, de Soendanese en de Javaanse. In elk van deze gebieden bestaan verschillende gamelanensembles van verschillende groottes en met verschillende instrumenten.
Er zijn twee toongeslachten, sléndro en pélog, en de meeste instrumenten bestaan voor beide stemmingen. De grotere ensembles hebben van elk instrument zowel een sléndro- als een pélogvariant.
De gamelan is een integraal onderdeel van de Indonesische cultuur en maakt deel uit van belangrijke tradities en het hele Indonesische leven. - guban (Traditional chinese drum and clapper.) — Deze combinatie van de trommel bangu en klepper paiban speelt een belangrijke rol in Yue- en Kunkqumuziek en de Pekingopera. De trommel wordt met de ene hand bespeeld en de klepper met de andere hand.
- pianoduo (ensemble of two pianists playing on separate pianos) — Een pianoduo waarbij elke pianist één piano bespeelt.
- piano vier handen (ensemble of two pianists playing on one piano) — Een pianoduo dat samen één piano bespeelt.
- pianokwartet (ensemble of piano, violin, viola and cello)
- pianotrio (ensemble of violin, cello and piano) — Kamerensemble voor drie spelers (een piano, een viool en een cello)
- Pierrot-ensemble (ensemble flute, clarinet, violin, cello and piano) — Een Pierrot-ensemble bestaat uit vijf spelers (fluit, klarinet, viool, cello en piano). Het ensemble was oorspronkelijk benodigd voor Schönbergs Pierrot Lunaire, en werd gedurende de 20e eeuw vrij gebruikelijk.
- eenhandsfluit en tabor (pair of flute and drum, each played by one hand) — De benaming eenhandsfluit en tabor wordt oorspronkelijk gebruikt voor een vroege Europese combinatie van een fluit en trommel, die door één speler tegelijk werden bespeeld. Er zijn van over de hele wereld soortgelijke combinaties bekend.
- saxofoonkwartet — Een saxofoonkwartet is een ensemble van vier saxofoons, meestal bestaande uit sopraan, alt, tenor en bariton.
- Servo-Kroatisch tamburica-orkest
- strijkkwartet (ensemble of 1st violin, 2nd violin, viola and cello) — Kamerensemble voor vier spelers (twee violen, een altviool en een cello)
- strijkkwintet (ensemble of 2 violins, viola, cello and a fifth string instrument) — Kamerensemble voor vijf spelers (twee violen, een altviool en een cello met als vijfde lid een tweede altviool of cello of een contrabas)
- strijktrio (ensemble of violin, viola and cello) — Kamerensemble voor drie spelers (een viool, een altviool en een cello)
- taonga puuoro (Māori traditional instrument ensemble) — De taonga puuoro zijn de traditionele muziekinstrumenten van de Maori. Hieronder vallen kalebassen (hue), zeeschelpen (pu), houten fluiten (kooauau), snorrebotten en andere uit natuurlijke materialen vervaardigde instrumenten.
- traditioneel Baskisch ensemble — Instrumenten die voor traditionele Baskische muziek worden gebruikt.
- gambaconsort (ensemble of multiple viols) — Een gambaconsort is een ensemble van bespelers van verschillende leden van de familie viole da gamba, waaronder vaak de discant-, tenor- en basgamba.
- viooloctet (New modern streamlined family of violins) — Viooloctet is een benaming voor een moderne gestroomlijnde familie van violen met proportionele formaten. Alle leden van de familie zijn gebaseerd op de standaardviool en zijn akoestische eigenschappen, zodat ze een homogener geluid hebben.
Familie
- bağlamafamilie (sazfamilie)
- Baltische psalteria (Family of Baltic box-zithers) — Baltische psalteria is een familie van gerelateerde psalters uit het Baltische Zeegebied, waarbij elk lid een sterke betekenis heeft voor de bijbehorende gemeenschap. De leden zijn onder andere: de Finse kantele, de Estse kannel, de Litouwse kanklės, de Letse kokles en de (Wit-)Russische goesli. Ook de koesle van het Russische Mari-volk, de Lijflandse kāndla en de Samische harpu worden tot deze familie gerekend.
- bin (Family of ancient Indian stick zither chordophones) — De bin is een van de twee onderfamilies Indiase snaarinstrumenten. Het zijn citers uit Noord-India met twee (of meer) grote resonatoren van kalebassen en een staaf- of buisvormige kast.
Het belangrijkste instrument in deze familie is de rudra-vina en in bronnen is dat vaak het instrument dat met ‘bin’ wordt aangeduid. - concertfluit — Een concertfluit is een dwarsfluit en het meest voorkomende soort fluit in de westerse klassieke muziek. Het instrument wordt ook vaak simpelweg fluit genoemd.
- vioolachtigen — Dit is een verzamelnaam voor instrumenten die enigszins op een viool lijken.
- gendèr (Family of Indonesian metallophones) — De gendèr is een metallofoon die bestaat uit twaalf tot veertien gestemde bronzen toetsen die boven resonatoren van metaal of bamboe zijn opgehangen. Hij wordt gebruikt in Balinese en Javaanse gamelanensembles.
- gitaarfamilie (DO NOT USE) — Help mee om de relaties met dit instrument naar het juiste instrument (waarschijnlijk gitaar) met de juiste vermelding (waarschijnlijk ‘guitars’) te verplaatsen.
- huqin — Huqin is een familie van Chinese spijkerluiten, meestal met twee, maar soms met drie of vier snaren. De klankkast is gemaakt van hout en soms van een kokosnoot en bedekt met een huid of dun hout.
- krap (Group of thai concussion idiophones) — Krap zijn kleppers van verschillende materialen die tegen elkaar worden aangeslagen om tijdens ceremonies en rituelen het ritme of de tijd aan te geven of om dans en gezang te begeleiden.
- luitachtigen
- metallofoon (Arrangement of struck tuned metal bars.) — Metallofonen bestaan uit gestemde metalen plaatjes, latjes of toetsen die in verschillende schalen zijn gerangschikt en met een hamer worden aangeslagen. De xylofoon is het houten equivalent.
- pi — Pi is een familie van hobo’s uit Thailand met vier rieten.
- trompetfamilie (Family of the brass instrument trumpet) — De trompetfamilie is een familie van koperblazers.
- vina (Family of ancient Indian lute-like chordophones) — De vina is een van de twee onderfamilies Indiase snaarinstrumenten. Het zijn Zuid-Indiase kalebasluiten met een enkele kalebas (en soms een kleinere, secundaire kalebas als resonator) en een holle hals.
Het belangrijkste instrument in deze familie is de Saraswati-vina en in bronnen is dat vaak het instrument dat met ‘vina’ wordt aangeduid. - viole da gamba (familie) (Viola de gamba family) — Gebruik niet dit instrument, maar de viola da gamba als je bron ‘viol’, ‘viola’ of een niet nader gespecificeerde viola da gamba noemt. Viole da gamba werden in de 15e eeuw ontwikkeld door vihuelisten die hun instrumenten met een strijkstok gingen bespelen. Viole da gamba hebben fretten, een vlak onderblad, aflopende schouders, C-gaten en zijn in kwarten gestemd.
- vioolfamilie (Modern violin family) — De vioolfamilie werd in de 16e eeuw ontwikkeld. Deze viole da braccio verschillen van de viole da gamba.
Tegenwoordig bestaat de familie uit:- viool
- altviool
- cello
- contrabas
Ongeclassificeerd instrument
- klaviorganum (Fifteenth century organ harpsichord hybrid) — Het klaviorganum is een combinatie van een klavecimbel en een pijporgel, vaak met twee klavieren, één voor de snaren en één voor de pijpen. Het was in de 15e eeuw een populair instrument.
Ontbreekt er een instrument in deze lijst? Lees hier hoe je het kan aanvragen.